Even wat anders, dag 4

Note to self: eerder in slaap vallen. Het is wat moeilijk vanochtend, ik heb eigenlijk heel veel koffie nodig, maar zit weer aan de groene thee. Mijn maag vertelt me dat ik iets meer had moeten eten dan de kwark met muesli. Misschien nog een eitje erbij, dat nog in de keuken ligt en waar ik dus niets aan heb op dit moment. Zucht.

De lunch wordt in ieder geval weer gevuld met 10 minuten snijwerk en een andere vriendelijke collega die me uit toe lacht. Tijdens de lunch besluit ik ook een paar uur vrij te nemen ’s middags omdat ik eigenlijk gewoon moe ben. Pas later bedenk ik me dat dit wel eens door die mindere energie kan komen waar P het over had. Eigenlijk wel logisch dat het een paar dagen duurt voordat je het merkt.

Iets anders, ik lees het blog van Peter Pellenaars, de man van de #50books-vragen, maar dat zijn niet de enige stukken die ik lees. Hij is op dit moment bezig met bloggen over Leo Babauta en diens nieuwe boek Zen Habits – Mastering the Art of Change, aangezien het een echt doe-boek is en hij zijn vorderingen wil delen.
Het heeft me aan het denken gezet. Wat Peter zei over motivatie:

“Het is goed om een doel voor ogen te hebben om gemotiveerd te raken. Maar het kan ons gaan hinderen bij het gemotiveerd blijven. Al snel zullen we merken dat de dagelijkse praktijk van de gewoonte die we proberen onszelf aan te leren mijlenver (letterlijk en figuurlijk in sommige gevallen) afstaat van wat we ons erbij voorstellen.”

En dat is er eentje die ik mee kan nemen. Ik ben toch wel vrij impulsief en kan heel enthousiast raken over iets en vervolgens, bijvoorbeeld omdat het niet loopt zoals ik denk dat het gaat lopen, er totaal de motivatie voor verliezen. Dat is een punt waar ik aan moet denken terwijl ik bezig ben met koolhydraten minderen, trainen, afvallen, af en toe wat minder afvallen. Dan moet ik bedenken waarvoor ik het doe: omdat ik degene ben die lekkerder in dit velletje wil gaan zitten. Dat gaat lukken als er wat minder mij is. Met andere woorden: als ik morgen geen gram ben afgevallen, niet meteen de moed verliezen, maar even aan dit stukje denken en waarom ik het ook alweer doe. Proberen mijn huidige gevoel te waarderen. Ook omdat ik met al het eten en trainen me wel erg lekker voel.
En ik ga Peter nog een keer citeren: “Dit is waar je nu staat. En dat kan heel positief uitvallen wanneer je het maar los ziet van waar je ooit denkt te eindigen. Zonder oneerlijke concurrentie van een ideaalbeeld hoeft de realiteit helemaal niet hard te zijn.”
Een mooie om voor vandaag mee af te sluiten. Morgen weer een dag, met trainen… en wegen…

Even wat anders, dag 3

De dag begonnen met een ander ontbijt: roereieren met paprika en champignons. Ze zijn beter gelukt dan de eerste keer.
Een gisteravond begonnen hangout-gesprek met een vriendin wordt vanochtend voortgezet, de onderwerpen zijn wat uiteenlopend: personal trainers, tandartsen, ploepjes, pasta en volkoren biscuitjes.

Ik meld P ondertussen dat ik droom van pasta. Ik krijg een knipoog-smiley terug. Fijn. Ik krijg plotseling zin in boksen.

De lunch is vandaag om erg vrolijk van te worden, geitenkaas, walnoten, komkommer, de onvermijdelijke sla. Een tweede collega om me uit toe te lachen. Gelukkig meldt ze ook dat ze een heerlijk slarecept heeft, ze gaat het mailen.
Ik ben overigens weer aardig hyper, dus dat energie verliezen merk ik nog niet echt.

Na de lunch toch maar weer aan het werk na me even ongerust te hebben gemaakt over mijn voornemen van dagelijks bloggen. Heb ik nog wel wat zinnigs te zeggen na drie dagen?
Daar komt bij dat ik gisteren tussendoor nog wel eens tijd had, en het vandaag gewoon druk was. Totaal geen tijd om wat te schrijven en vanavond met de toneelrepetitie kan ik het wel schudden. Tussendoor kan ik gelukkig aan de tafel aanschuiven bij de kokkin die ik gisteravond al had gezien. Koolhydraatarm! Yes! Helaas gaan de andere vier wel los bij het dessert. Stracchiatella! Slagroom! After Eight! Aardbeien! Maar ik houd me sterk. Ik krijg wel steeds meer zin in boksen.

Even wat anders, dag 2

Vandaag wordt wat moeilijker en dat ligt niet alleen aan het feit dat ik wat weinig heb geslapen. Ik lag om 11 uur in bed, om 12 uur lag ik nog naar het plafond te staren en dan is die wekker om half zeven toch wel heel vroeg.
Nee, een collega neemt afscheid vandaag en aangezien ze Frans is, heeft ze wat “French viennoiseries” meegenomen. Lees: croissantjes, chocola met nootjes erin en nog iets van bladerdeeg. Ik ben er even met mijn neus boven gaan hangen.
Dat was helaas niet genoeg, want de lunch laat nog even op zich wachten en mijn maag knort. Toch ietsje meer muesli bij het ontbijt dan die ene voorgeschreven eetlepel die in de kwark is gegaan?
P heeft dan misschien toch gelijk, hij zei dat ik me wat energieloos zou gaan voelen. Gisteren was ik eerder hyper, vandaag is dat toch wat minder.
Van de lunch word ik weer wat vrolijker, al was het alleen maar van de collega die tegenover me zit en me uit toe zit te lachen.
Die lunch is even werken, maar dan heb je ook wat. Twee gekookte eieren inclusief dat ene ei dat enorm gebarsten is gisteren en verder paprika, tomaat, komkommer, uitjes, sla, voornamelijk rucola, oh, en even uitschieten met zout en peper.

En verder: proberen niet aan eten te denken, dat laatste tussendoortje – een restant komkommer en paprika – zo lang mogelijk uitstellen, en blij zijn dat het vanavond vroeg eten is: er moet vergaderd worden vanavond.

En daar ben ik mijn kokkin van de woensdag tegengekomen die me heeft beloofd iets te maken dat zonder pasta of rijst of zo gegeten kan worden. Ben helemaal blij met deze vriendin die elke woensdag voor de toneelrepetitie voor ons kookt.

Even wat anders, dag 1

Het kriebelde ineens, vanavond tijdens #blogpraat, het wekelijkse twitterchatuurtje op maandagavond. Iemand had het over iedere dag bloggen als uitweg uit een blogdip en ik dacht: dat kan ik ook. Daarbij dacht ik vooral aan mijn personal trainer, Pedro, die hierna echt alleen nog maar P genoemd gaat worden. Dat is namelijk degene die ervoor gezorgd heeft dat ik overgestapt ben op een nieuw dieet. Ik realiseerde het me niet helemaal toen hij het uitlegde, maar die boterhammen, pasta, rijst, aardappelen, de dagelijkse kost dus? Even als voeding uitgebannen, met als resultaat dat ik nu ’s avonds in de keuken sta en mijn ontbijt en lunch voor de volgende dag sta voor te bereiden.

Ontbijt: kwark, kwark, nog meer kwark. Magere kwark dus. Ik heb zaterdag bij Albert Heijn het verschil tussen magere kwark en magere Franse kwark staan bestuderen. In magere Franse kwark zit wat meer vet, koolhydraten en suiker, geen wonder dat ie lekkerder is.

Lunch: sla met komkommer, tonijn, ui, tomaat, walnoten, geitenkaas, ei, rosbief, tomatentapenade, paprika, olijven (vind ik niet lekker), pijnboompitten (ook niet lekker), gerookte kalkoen, dit niet allemaal tegelijk natuurlijk, mengen en opeten. Maar eerst een half uur in de keuken staan om het voor te bereiden.

Diner: groente wokken, stomen, grillen en kip of vis of biefstuk of nog meer kip. Kruiden naar behoefte toevoegen. Dus ik heb worteltjes en bloemkool en broccoli en peultjes en paprika en ui in alle combinaties en vormen al uitgeprobeerd.

Nog zo’n leuke van P: sla het fruit even over. De bedoeling is dus dat ik hier van ga afvallen en dat zal vrijdag toch wel moeten blijken, want anders heb ik voor niets twee bakken met heerlijke aardbeien ingevroren. En die wilde perziken die ik normaal door de kwark gooi…
Moet je ook eens proberen, twee wilde perziken aan stukjes snijden en in een plastic bak, op bakpapier leggen voor de diepvries. Het stukje dat niet meer paste heb ik opgegeten.

Ik vrees wel een beetje dat de sla na een week mijn neus en oren uitkomt en hoop dat ik de volgende week ietsje meer mag eten. Twee korreltjes pasta of een kwart aardappel bijvoorbeeld?

Oh ja, dag 1 was eigenlijk zaterdag, toen heb ik nog gesmokkeld en brood genomen, maar zondag niet meer en vandaag was het blogidee daar, dus heb ik dit dag 1 genoemd.

#50books zomerleeslijst 2015

Vraag 24:
Welk boek mag volgens jou niet ontbreken op de #50books zomerleeslijst 2015?

Tolkien - The Lord of the RingsEen vraag die ik wel moest beantwoorden.
Mijn weersverwachting: lange zonnige dagen, uitstekend geschikt om ’s avonds bij thuiskomst op het balkon te gaan zitten waar ik vanaf ongeveer 4 uur volop zon heb. Mijn kast met nog te lezen boeken staat vol en mijn e-reader ook, dus ik heb volop te kiezen. Maar wat ik ook maar weer eens tevoorschijn trek: Tolkien, The lord of the Rings trilogie.
Toen de films net uit waren, heb ik de Engelse editie gekocht. De Nederlandse editie stond al jaren in mijn kast, maar de vertaling kon me niet bekoren. De Engelse editie wel, ik heb hem drie keer gelezen, hij is geloof ik zelfs een keer mee geweest op vakantie.
Vandaar mijn nominatie voor de zomerleeslijst, J.R.R. Tolkien, The Lord of the Rings, en als we dan toch bezig zijn: The Hobbit, die heb ik namelijk ook nog in een Engelse editie liggen.

Managing the One-Person Library

Managing the One-Person LibraryLarry Cooperman (2015), “Managing the one-person library”, Amsterdam: Chandos Publishing (Chandos Information Professional Series)

Dit boekje richt zich op solo-bibliothecarissen die een kleine bibliotheek moeten runnen en onderhouden. Onderwerpen van de hoofdstukken van dit werkje zijn bijvoorbeeld marketing, professionele ontwikkeling, collectievorming, IT, catalogiseren en tijdschriften (in hetzelfde hoofdstuk) en personeel. Die laatste is een vreemde eend in de bijt in een boek over solobibliothecarissen, maar is ook weer gericht op vrijwilligers.
Cooperman – een ervaren solo-bibliothecaris – wilde zijn ervaringen delen met andere solo-bibliothecarissen.

Als solo-informatiespecialist in een groot commercieel bedrijf zou dit voor mij een nuttig boekje moeten zijn. En dat was het op zich wel, maar eigenlijk ook niet. Het boek zet keurig netjes op een rijtje waar het in het werk allemaal om gaat. Maar het gaat meer over het beheer van een bibliotheek en niet zo zeer over de inhoud, namelijk informatiemanagement. Het beheer van de bibliotheek is voor mij een bijzaak. Een bijzaak die ik wel moest leren toen ik in deze baan begon, maar niet het belangrijkste is in mijn werk. Mijn doel is mijn collega’s duidelijk te maken welke informatie we in huis hebben en kunnen krijgen.

Nog een nadeel van dit boek: het is uitstekend te gebruiken als je net begint als solo-bibliothecaris/informatiespecialist/informatiemanager. Werk je zoals ik, al jaren bijna alleen of alleen, dan is het minder goed te gebruiken, want dan worden er toch een aantal open deuren ingegooid.
“Learn to adapt to change” (p. 5) dat moet je niet alleen doen als solopersoon, maar ook als één van vele informatiespecialisten. Ik geloof niet dat ik een beroep kan opnoemen waar in twintig jaar tijd zoveel veranderingen zijn opgetreden als in dit werk.
Een ander nadeel: de case studies zijn niet altijd nuttig omdat het niet mijn ‘line of work’ is. Cooperman noemt wel diverse voorbeelden voor solobibliotheken, zoals openbare, school- en universiteitsbibliotheken, maar zijn casestudies komen bijvoorbeeld niet uit bedrijfsbibliotheken waar mijn werkkring en dus interesse ligt. Dat is niet te verwonderen, want hij is zelf solobibliothecaris in een academische bibliotheek, dus zijn netwerk ligt ook daar, maar voor het zijn wel heel andere situaties.

Was het nou nuttig, kan ik mezelf afvragen? Ja, want ik had wel wat aan de literatuurverwijzingen in het boek die me verwezen naar tijdschriften die ik niet kende, artikelen die bijzonder interessant waren en ook blogs waar ik nog veel meer nuttige informatie kan vinden. Want die regel van Larry Cooperman hanteerde ik al: blijven leren. Het internet is rijk aan informatieve blogs, zeker voor informatiespecialisten.

Een artikel met infographic over het boek kun je hier vinden.
Elsevier verkoopt het boek hier als boek en e-pub en hier in hoofdstukken.

#WOT deel 21: Publiek

In de serie Write on Thursday is dit deel 21

Pu•bliek (het; o; meervoud: publieken)
1 de mensen, de bezoekers enz. in een openbare zaal, een stadion
2 het volk, de massa
3 in het publiek optreden in het openbaar

Ik reken mezelf tot redelijk braaf en aandachtig publiek bij theatervoorstellingen. Ik speel zelf amateurtoneel, ik weet dat het fijn is als het publiek de aandacht bij die mensen op het toneel heeft.
Ik kan me aansluiten bij Martha, publiek hoort bij theaterergernissen. Al die ergernissen herken ik ook wel, maar ik heb toch een aanvulling die met stip nummer 1 kan worden in een top-8.

Herkent u het? Fijne voorstelling gezien, en dan doel ik vooral op musicals, want daar lijkt het toch het meest voor te komen. U heeft genoten en u zit nog na te genieten en luid te klappen en om u heen gaat – bijna – iedereen overeind. Nee, niet iedereen, want u houdt stand. U heeft geen last van uw voeten of uw rug, maar staan hoort bij een voortreffelijke voorstelling, niet bij iedere voorstelling die u bezoekt.

Zo, ik heb gezegd.

Wat ik iedereen nog wil aanraden: lees Herman Pieter de Boer, in zijn bundel Artiestenuitgang, vind je het verhaal De dame die niet van staande ovaties hield. Hij kan het veel beter verwoorden dan ik.

#WOT: betekent Write on Thursday. Iedere donderdag verschijnt er een woord waarover je iets kunt schrijven, vloggen of ploggen.
Het woord van deze week: http://www.drspee.nl/wot-deel-21-publiek.

#WOT deel 14: Pasen

#WOT deel 14: Pasen

Al een tijdje wilde ik meedoen aan #WOT: Write on Thursday. En deze donderdag had ik daar de tijd voor.

Zoekend naar de #WOT van deze donderdag op twitter blijkt het ook voor World of Tanks te worden gebruikt, @drspee met haar #WOT vond ik met moeite terug in deze brij van #hashtags.

Het woord van deze donderdag was Pasen, het belangrijkste Christelijke feest van het jaar, naast Kerstmis één van de belangrijkste feesten.
Wat heeft dat voor betekenis voor me? Niet veel eigenlijk. Ik ben hervormd gedoopt, maar heb geen kerkelijke opvoeding, en die Paasdagen hadden hooguit de betekenis van een extra vrije dag.

De laatste vijf jaar heeft de EO onbedoeld gezorgd voor een extra traditie in de vorm van ‘The Passion’. Het is de titel van een Nederlands muzikaal-bijbels evenement dat sinds 2011 jaarlijks op Witte Donderdag wordt gehouden, telkens op een andere locatie. in de eerste editie in 2011 werd de rol van Jezus door Syb van der Ploeg gespeeld, in de vijfde editie van 2015 speelt Jim de Groot de rol van Jezus.

De vrijdag is een werkdag voor mij, mijn werkgever is niet Christelijk en dus mag ik vrolijk naar Nootdorp fietsen.

De zaterdag voor Pasen is gewoon een gezellige vrije zaterdag, ik ga met vrienden weer een rondje Kolonisten van Catan spelen, het zoveelste rondje sinds jaren. We houden geen score meer bij, het is voor de Olympische gedachte.

Deze Paas-zondag wordt denk ik een pyama-zondag, even rustig aan, geen gedoe, geen gerommel, lekker rustig voor mezelf.

De paas-maandag is voor een vriendin, zij viert deze maandag haar zestigste verjaardag, zo’n soort verjaardag waarbij ik voor mezelf zoiets had, waar blijft de tijd. Haar zus (mijn leeftijd) ken ik vanaf mijn dertiende, vriendin is negen jaar ouder, en zestig, nogmaals, waar blijft de tijd.

En dat is dan de Pasen voor me.

#WOT: betekent Write on Thursday. Iedere donderdag verschijnt er een woord waarover je iets kunt schrijven, vloggen of ploggen. Het woord van deze week vind je hier.

#50books vraag 12: de oudste

Vraag 12: Wat is het oudste boek in jouw verzameling?

Het is weer een leuke vraag in de #50books serie van @petepel. Heb ik oude boeken? Een vraag waarbij Librarything me kan helpen. Boekengek die ik ben heb ik mijn hele verzameling in Librarything gezet en moet het heel makkelijk te vinden zijn.
Ik kwam bedrogen uit. ‘De Katjangs’ van J.B. Schuil meldt Librarything me, dat is in 1912 gepubliceerd. Ja, tot ik het uit de kast haal: ik heb een elfde druk, de Koninklijke Bibliotheek kan me vertellen dat de tiende druk uit 1962 stamt, die elfde druk is waarschijnlijk ongeveer even oud als ik.
‘A history of Europe’ dan? Die is uit 1935. Nee dus, het is een herdruk uit 1979.
‘Rebecca’ van Daphne du Maurier dan, 1938. Weer mis: Nederlandse vertaling zonder jaar.

Gelukkig is de volgende greep in mijn digitale boekenkast wel goed: ‘Het scherm gaat op’ van Cas van Dijk. Een boek dat ik in 2009 op de boekenmarkt op het Voorhout in Den Haag heb gevonden. Ik zoek altijd romans die over toneel en theater gaan, een tic van me die ik als redacteur van een amateurtoneelblad heb opgepikt. Dit was een leukerdje die de paar euro wel waard was. En dat is dus het oudste boek uit mijn verzameling.

Cas van Dijk - Het scherm gaat op

#50books vraag 10: die series

Het derde seizoen alweer van #50books en ik heb besloten te smokkelen. In 2014 heeft @drspee prachtige vragen gesteld en van een aantal heb ik beginnetjes staan. Ik wilde ze keurig in volgorde beantwoorden. Nou, dat ga ik dus smokkelen. De reden daarvoor is de prachtige vraag die op deze geweldige zonnige zondagochtend is gesteld.

Wat zijn de problemen waar jij last van hebt als boekenwurm?

Ik lees heel veel fantasy, ik kan me helemaal verliezen in dit soort boeken. Al vanaf het begin kan ik me ergeren aan schrijvers die denken, “kom, we zullen er eens een extra deel bij stoppen”.

David Eddings, de schrijver door wie ik op fantasy ben gevallen: de Belgariad, vijf delen, eerste deel in 1983 uitgekomen, vijfde en laatste deel in 1987. Wat doet de man? Hij begint een nieuwe serie met dezelfde personages, de Malloreon, eerste deel in 1987 uitgekomen, laatste deel in 1991. Mijn ongeduld was zo groot dat die laatste er staat in een afwijkend formaat, geen kleine pocket, maar een grote pocket.

Schrijvers waarbij het volstrekt niet duidelijk is hoeveel delen het worden: in dat kader ben ik blij dat ik nooit aan Robert Jordan ben begonnen. Waar zit die man nu? Deel 12 of zo?
Eileen Wilks heb ik me wel aan gewaagd, haar Lupi-serie: deel 10 ligt in de kast en is al gelezen. En ik heb al gezien dat ik er eentje achterloop.

Schrijvers die zich niet aan hun belofte houden: in die hoek zit Diana Gabaldon, wiens Outlander reeks nu een tv-serie is geworden. Leek vijf delen te worden, deel acht ligt nu klaar om gelezen te worden, maar ja, eigenlijk moet ik de hele serie weer lezen omdat ik de helft ben vergeten. Saillant detail, de serie verhuisde bij American Book Center in Den Haag in de loop der jaren van de fictie-afdeling naar de afdeling romances.

Overigens kan het ook omgekeerd. Brent Weeks, schrijver van de Night Angel Trilogy, die zich keurig aan zijn belofte hield: drie boeken. Goedzo Brent. Alleen jammer dat ik aan het eind van het derde deel een bijzonder onvoldaan gevoel overhield vanwege alle losse eindjes die op zijn zachtst gezegd waren afgeraffeld. Daar had Brent van mij rustig nog een deel aan mogen wijden.
Genoeg ergernissen voor deze prachtige zondag. Ik ga genieten van het mooie weer.

#50books is in 2013 begonnen door @petepel, in 2014 voortgezet door @drspee en in 2015 weer overgenomen door @petepel