Lijdzaamheid: #WOT deel 32, 2020

Zaterdagmiddag. Ik besluit mijn kranten en mijn koffie naar het balkon te verplaatsen. Kussens mee voor mijn stoel en het tafeltje waarop ik mijn benen uitstrek. Ik geeuw en neem snel koffie voor ik in slaap val. Maar in slaap vallen is niet zo’n groot risico met de buurman die iets langdurig en luidruchtig aan het schuren is. Maar gelukkig, na een uurtje is hij klaar. Ik ben ondertussen al een koffie en een krant verder en zucht verlicht. Maar ja, mijn balkon grenst aan de achtertuinen van twee blokken huizen, respectievelijk twee en drie hoog. Ik heb dus nog meer buren. Eén ervan zet zijn radio aan, op een zender waar ik nog nooit van heb gehoord, met muziek die ik nog nooit heb gehoord en ook niet meer wil horen. Ik zucht, bezit mijn ziel in lijdzaamheid, probeer alle geluiden uit te bannen en verder te lezen in mijn kranten.

Lijdzaamheid = 1) Berusting, 2) fatalisme, 3) geduld, 4) gelatenheid, 5) kalme gemoedstoestand, 6) onderwerping, 7) onderworpenheid.

huis op het platteland
Afbeelding van Stanly8853 via Pixabay

Lijdzaamheid

De meeste burenruzies ontstaan door geluidsoverlast. Dat kan ik me voorstellen. Hier in het grillige Nederlandse klimaat komt het niet zo vaak voor dat het mooi weer is. Het is moeilijk je ziel in lijdzaamheid te bezitten als je zelf in je tuin zit met een boek, en de buren hebben besloten een barbecue te organiseren. Voor zichzelf en de hele familie, tien broers en zussen van beide kanten. Dat kan wat geluid- en ook reukoverlast veroorzaken. Het ligt ook een beetje aan je karakter denk ik. Ik ben van de ‘lamawaaien’ groep en zal alleen in uiterste noodzaak overgaan tot klagen. Dat straaltje water dat een paar jaar geleden uit mijn plafond liep, daar heb ik wel even over geklaagd bij de bovenburen. Maar het is een bekend feit dat naarmate het warmer wordt, de lontjes korter en mensen niet echt de ziel in lijdzaamheid bezitten.

Schrijf je mee?

En jij? Ook van de ‘lamawaaien’ groep? Of ben je er juist uitermate slecht in en is dat huisje op de hei toch een goed idee voor je? Schrijf mee en laat je reactie onder dit bericht achter.

#WOT betekent Write on Thursday. Iedere donderdag verzin ik een woord waar je over kunt schrijven (bloggen, vloggen of ploggen). Niets moet, alles mag. Je kunt op ieder moment instappen.

Jeugdnostalgie: de Euro 5 boeken

Ik heb drie broers en heb in mijn jeugd dus veel boeken gelezen die je tot jongensboeken zou mogen rekenen. Zoals bijvoorbeeld de Euro 5 boeken die draaien om de geheime Sectie 5 van de Europese Coalitie met het lucht- en ruimtevaartschip de Euro 5. Een tijdje terug kwam ik in een minibieb een paar deeltjes van de serie tegen en las ze weer met veel plezier. Complete jeugdnostalgie. Natuurlijk zette ik dat op Goodreads, dat het doorzet naar Twitter en daar kwam de vraag van een oude bekende van me of ik de hele serie zou willen. Ja hoor! Een paar dagen geleden kwam de doos binnen.

Euro 5

De boeken zijn geschreven door Bert Benson, die ondanks zijn Engelse naam Nederlands is, het is een pseudoniem van Ad de Beer. Dan heb je ook nog de nieuwe Euro 5 boeken, dat zijn zes boeken die ik niet ken, en ook geschreven zijn door Bert Benson, maar het pseudoniem is dit keer van P. de Beer-v.d. Pluijm, tenminste volgens de KB Catalogus. Mevrouw de Beer? Een aantal boeken uit de eerste serie staan ook op haar naam. Het zorgt in ieder geval voor verwarring in mijn bibliotheekhart, want Wikipedia rept niet van mevrouw de Beer, alleen maar van Ad. Dit laat ik maar even zo, want ik kan er verder niets over vinden. De Euro-5 reeks is tussen 1976 en 1986 geschreven en de nieuwe Euro 5 reeks tussen 1987 en 1991. Dat verklaart meteen waarom ik die reeks niet heb gelezen: toen viel ik als twintiger echt wel buiten de doelgroep.

De inhoud van de boeken

De Euro 5 wordt bemand door een groep Europeanen. De captain van het schip is Peter de Vos, een Nederlander. De bemanning is twaalfkoppig, en telt een Duitser, meerdere Fransen, Belgen, een Luxemburger, meerdere Italianen, nog een Nederlander en een Deen. De basis van het schip is in de Ardeche en op de planeet Pluto. De mannen van de Euro 5 beleven allerlei avonturen niet alleen op aarde, maar ook in de ruimte. Volgens mij worden wel wat ruimte wetten overschreden, maar daar is het science fiction voor. In het eerste deel – Euro 5 antwoordt niet – moet het ruimteschip slag leveren met Herr Meisel die het giftige afval van zijn chemische fabriek niet wil laten ioniseren op de door Europese wetten voorgeschreven wijze omdat hij het te duur vindt. Dus wil hij de fabriek waar dat gebeurt vernietigen, de Euro 5 moet dat voorkomen. In dat eerste deel ontdekte ik trouwens iets vreemds, want Peter de Vos wordt hier verschillende keren Paul Corver genoemd (p. 36). Benson had een andere naam in zijn hoofd en het is nooit goed veranderd? Veertig jaar na dato kom je daar niet meer achter.
Ik ben nu in boek nummer 4 bezig: Slaven uit de ruimte, waarin vliegtuigen eerst de ruimte in worden gezogen en vervolgens worden de passagiers aan het werk gezet in een mijn op een klein eiland. De avonturen houden niet op. Spannend! En het gaat maar door.

Leeservaring

Aan alles kan ik merken dat ik het eerder heb gelezen en ja, dat was veertig jaar geleden, toch zit ik mezelf af en toe te spoilen omdat er weer iets een ver stuk van mijn geheugen komt bovendrijven. Heerlijk al die avonturen op aarde en in de ruimte! Zo ook de hier en daar wat ouderwetse taal. “Deksels” wordt mijn nieuwe favoriete scheldwoord. Deze serie behoorde tot mijn favorieten vroeger, net als de Discus serie van Ruurd Feenstra. die serie hoort ook tot de jeugdnostalgie. Benson heeft overigens na het overlijden van Feenstra twee delen van die Discus serie geschreven. Ik geloof dat hier mijn liefde voor science fiction is ontstaan, want ik vond het heerlijk en verslond al die avonturen. Ik ben tegenwoordig nog steeds zo’n fan van spannende boeken waarin James Bond drie keer over de kop gaat, zie Andy McDermott, wiens Nina Wilde en Eddie Chase serie ik heb gebinged de afgelopen weken.
Nu ik wat ouder ben, ontdek ik trouwens wel vreemde dingen in de boeken, bijvoorbeeld het uitgebreide koken in plaats van astronautenvoedsel of op zijn minst magnetronmaaltijden. De reis naar Pluto beslaat een paar uur. Ze moeten wel heel snel vliegen. Peter de Vos die met zijn plaatsvervangend commandant Hans Weiss zaken gaat bespreken en daarbij een fles wijn opentrekt. Hallo mannen! Jullie hebben dienst! Maar ondanks die kleine dingen blijf ik hier van genieten. Heerlijk, ik heb nog wel wat boeken te gaan.

Update 8 augustus 2020

In Paniek op de Noordpool, het elfde deel uit de serie wordt op p. 37 gemeld dat Paul Corver het officiële pseudoniem is van Peter de Vos.

Je hebt van die dagen

Dat je al te laat uit je bed komt. Dat je na drie koffie erachter komt dat je nog wel langer had kunnen slapen. Dat je er gisteravond al achter had kunnen komen omdat je toen maar aan bleef staan terwijl je al in bed lag. Dat je dus de hele dag geen energie hebt.

Ja, het is een werkdag en er staan dingen op mijn to do lijst. Die dingen heb ik allemaal doorgeschoven en ik heb expres iets gezocht waar ik plezier in heb en waar ik niet te veel moeite voor hoef te doen. Het is gewoon zo’n dag. Niets wil, niets is leuk en zelfs naar de winkel gaan helpt niet. Shoptherapie wil nog wel eens helpen, maar vandaag niet. Ik heb wel twee Kneipp flessen doucheschuim voor de prijs van één. Het is een kleine troost, maar ze zijn wel heel erg lekker.

Het is gewoon geen leuke dag

Ik heb bij mezelf gemerkt dat het af en toe best lastig is om altijd maar een goed humeur te houden, terwijl je in je eentje thuis zit. Daar is vandaag weer een levend bewijs van. Het is niet de eerste keer dat ik er mee zit. Misschien dat ik van vanavond iets vrolijker word. Ik had al zo half en half verwacht dat ik vanavond voor de tv zou hangen, maar kreeg een appje en werd daarmee aan het tweewekelijkse bowlen herinnerd. Vanavond dus een deuk in de baan gooien en afscheid nemen van een vriend die vanavond voor het laatst is. Hij verhuist naar Friesland. En dan maar hopen dat de dag leuker eindigt, dan dat hij begon.

Zomaar een thuiswerkdag

Het was laat vannacht en vroeg vanochtend, of normale tijd vannacht en … vroeg vanochtend. Niet dat het uitmaakt, om half 8 ben ik mijn bed uit, duik de badkamer in, ruk een schoon t-shirt uit de kast en ga aan het werk. Ik kijk tegenwoordig niet eens meer wat voor shirt ik aantrek, en die korte broek heb ik geloof ik ook aan vanaf april. Echte werkkleren, nee, niet echt meer nodig. Het is de zoveelste thuiswerkdag vandaag.

Na drie koffie ga ik mijn ontbijt klaarmaken, dat is al maanden omgedraaid. Ik werk eerst een uurtje en ga dan naar dat ontbijt kijken. De Volkskrant lees ik ondertussen ook digitaal. De rest van de ochtend ben ik bezig met mijn mail. Vragen beantwoorden die er altijd wel staan na het weekend en mijn tijdschriftenalerts versturen. We hebben nauwelijks abonnementen, dus om de collega’s op de hoogte te houden van nieuwe literatuur krijgen ze alerts op tijdschriften van me. Ik krijg meestal wel respons, maar het is vakantietijd en dat merk ik. Weinig verzoeken.

Het heerlijke van thuis werken is wel dat je uitgebreid aandacht kan besteden aan je lunch, ik maak een rijstsalade klaar. Na de lunch is het tijd voor een aanwinstenlijst. Soms laat ik die zitten, maar de laatste maanden niet. Het is niet alleen een aanwinstenlijst, maar ook attendering op wat minder nieuwe, maar evengoed interessante literatuur. Het is een mooi middel om contact te houden met de collega’s. Tegen de tijd dat ik dat ding verstuur – eind van de middag – krijg ik een hele lading out of office berichten, inclusief eentje van iemand die het bedrijf heeft verlaten. Ik ben meestal de laatste die dat hoort, zeker als die persoon bij een ander kantoor zat. Het is ook een mooi moment om af te sluiten, ik was vroeg vanochtend, het is mooi geweest voor vandaag.

Veranderingen

Er is wel wat veranderd in de ruim vier maanden die ik nu thuiswerk. Zie bijvoorbeeld kleding. De aandacht die ik aan mijn lunch kan besteden is een verandering in positieve zin. Net zo goed als halverwege de ochtend bedenken dat ik iets uit de vriezer moet halen. Dat was mooi pech geweest als ik op kantoor had gezeten. Soms gooi ik mijn rooster helemaal om, ga tussendoor sporten en haal die uren later in. De sportschool is 20 minuten fietsen hiervandaan. Het Zuiderpark is nog gunstiger, dat kan ik eigenlijk lopen, meestal neem ik de fiets, dat is dan 5 minuten. Ik heb geen pakje gemist de afgelopen maanden, want ik was meestal thuis. De plank (1.32) en de wallsit (1.01) kunnen makkelijk tussendoor. Toch vind ik het fijn dat ik af en toe mijn neus op kantoor mag laten zien. Eens in de week of twee weken een dagje kantoor geeft me de gelegenheid dingen te regelen waarvoor ik echt in de bibliotheek moet zijn. Ook kan ik dan de weinige post bekijken die op papier binnenkomt. Hoe het verder gaat? Ik weet het niet, voor hetzelfde geld zitten we tot januari met zijn allen thuis te werken

Plannen voor theater in romans

In het menu van mijn website staat ‘Boeken van A tot Z’ en dat is de pagina waar ik mijn verzameling van boeken over theater in romans heb geplaatst. Jaren geleden ben ik er mee begonnen, een project waarin ik boeken verzamelde die iets met het theater te maken hadden. Toen (juli 2006) was ik nog hoofdredacteur van Haghespel, het blad voor het Haagse amateurtheater, waar ik vrolijk deze besprekingen in zette. De eerste was voor een boek van Willem Brakman, De biograaf. Een vrij korte bespreking van een boek dat me geloof ik niet zo aansprak. De eerste lijst was niet zo vreselijk lang.

Groei in de loop der jaren

Soms was het een heel korte bespreking, soms was het wat langer. En in het begin gaf ik ook wel eens dat ik heel lui een bespreking van internet had gevist omdat ik het boek zelf niet te lezen vond. Nu doe ik het anders. Ik schrijf een stukje over de inhoud, ik vertel wat ik ervan vind, vaak komt er een stukje bij over de band met het theater als dat niet al duidelijk is. En ik probeer ook nog iets over de schrijver te vertellen. De bespreking is veel uitgebreider geworden. En ik laat het tegenwoordig ook na iets te schrijven over boeken waar ik niet doorheen kwam. Jammer dan. Het leven is te kort om slechte boeken te lezen.

Pareltjes

Door deze hobby heb ik wel prachtige boeken gelezen. Vinegar girl van Anne Tyler was een toppertje. Ontzettend leuk boek, een hertelling van een Shakespeare. Michael Gallagher schreef de serie Send for Octavius Guy over de jonge Gooseberry, een veertienjarige dief die een leven probeert op te bouwen als detective. Gooseberry mag dan een dief zijn geweest, maar was wel mijn idee van een ideale schurk, zij het wat jong. Octopus ging over de moord op een actrice. Ik heb zelfs nog een boek gelezen dat door president Obama werd aanbevolen: Fates and Furies van Lauren Groff. Het bleek een onverwachte parel te zijn over toneelschrijver Lotto en zijn vrouw Mathilde. Een boek waarin sommige hoofdstukken als toneelstuk werden geschreven.

vinegar girl

Spin offs

De lijst voor films en theater die ik een keer heb gemaakt, en waar ik eigenlijk niet mee door ben gegaan. Blijkbaar vond ik boeken bijhouden wel genoeg. Ik heb twee films besproken die ik zelf niet eens heb gezien, namelijk Molière en Das Leben der Anderen.
Een tweede spin off was de lijst met kinderboeken en theater. Deze boeken heb ik in 2009 uit de grote lijst gehaald en in een aparte lijst gezet. Deze wilde ik niet apart gaan bespreken.
Ook heb ik een paar verhalen besproken, onder andere een bundel verhalen waarvan de opbrengst was bedoeld voor het Theater Instituut. Het waren verhalen geschreven door Nederlandse schrijvers.

Toekomstplannen

Ik heb in 2020 tot nu toe twee boeken besproken. In 2019 heb ik er drie besproken. Actief zoeken doe ik niet meer. Als ik toevallig iets tegenkom noteer ik de titel en ga ik in de bibliotheek kijken of ze het hebben. Het heeft allemaal niet zo’n haast meer omdat Haghespel niet meer bestaat en ik daar de besprekingen niet meer in plaats. Tips zijn wel nog steeds welkom

Het is augustus dus ik blog

De tijd is nog nooit zo snel gegaan, maar de tijd schijnt ook sneller te gaan, naarmate je ouder wordt. In ieder geval is het 1 augustus en zou ik iets moeten schrijven over vier maanden elke dag bloggen, net zoals ik bij drie maanden heb gedaan, en bij twee maanden, en bij één maand. Allemaal jubilea. Nou is dat natuurlijk erg leuk, maar wat kan ik er nog aan toevoegen? Ja, ik blog elke dag, en ja, het kost af en toe nog steeds moeite, dus?

Ik ga iets nieuws doen

Sinds kort heb ik een laptop. Mijn oude desktopcomputer werd langzaam, heeft een paar keer een enorme storing gehad en mijn computergoeroe had me verteld dat ik misschien toch maar naar een nieuwe moest omkijken. Het ding draaide nog op Windows 7 dat niet meer ondersteund wordt. Haar echtgenoot, de hardware specialist – ze zitten allebei in de ICT – heeft een laptop met docking station voor me uitgezocht en die staat nu op mijn schoot. Want zei goeroe, een laptop kan je meenemen en dan kan je ergens anders werken. Op het balkon dus. Jawel, het eerste bericht dat hier op het balkon wordt geschreven! Mijn wifi redt dat net. Ik vrees wel dat zodra de zon hier op het balkon komt, over een half uurtje, de pret is afgelopen. Wat trouwens niet sneller gaat is de inspiratie. Ik ontdek wel nieuwe dingen, zoals de emoji die ik tot mijn verrassing wel kan maken – rechtermuisknop 😊😊. Ik blog dus ondertussen al ruim vier jaar in wordpress.

Gaat het nog ergens over?

Ja hoor. Elke dag leert men nieuwe dingen, zie het bovenstaande. Ook heeft het wel wat mijn warme huis te verwisselen voor het relatief koele balkon. Fris windje, muziek waar ik zelf nooit naar zou luisteren, de buurman (80) die nooit kan stilzittten en lekker aan het rommelen is in de achtertuin. De reuzenstofzuiger van eerder op de middag is gelukkig klaar. De buurman die zonodig luid en duidelijk moest schuren is gelukkig klaar. Het uitzicht bij de schuinbenedenbuurvrouw is nu een konijnenhok met twee enorme konijnen op haar grasveldje. Die zullen het wat stiller kort houden dan die elektrische schaar die ze normaal gebruikt. Allemaal van die zaken die je elke willekeurige zaterdagmiddag tegen kunt komen in een stadsbuurt. Het enige waar ik echt nog aan moet wennen bij deze laptop is dat ik voortdurend mijn cursor kwijt ben. Op naar de volgende maand bloggen!

Over een ferme training

Ik werd vanochtend gestraft voor een hele week bijzonder weinig uitvoeren. Want het was een lange en bijzonder warme training met heel veel vermoeiende activiteiten. Wall sits, kettlebelt swingen, sleetje duwen, push ups, jump squats, wall balls, en een plank van 1.05. En ik heb nog even vijf minuten op mijn rug gelegen omdat ik duizelig werd. Het was zomaar even een reminder dat ik wat meer moet doen dan alleen die ferme training met Pedro. Misschien wat meer ferm bewegen de hele week door. Na de training met Pedro heb ik nog twintig baantjes gezwommen en toen had ik het eigenlijk wel gehad.

Pluspunten

Want die waren er wel. De wallsit was de eerste keer met trillende benen 45 seconden, de tweede keer 30 seconden, en de derde keer – weer met trillende benen 50 seconden. En dat na een best wel intensieve training van ongeveer veertig minuten. En mijn push ups lukten, okee, niet op de grond, maar op een stang, en ik moest er echt wel wat moeite voor doen, maar ze lukten. En het was echt wel lekker, zeker het zwemmen daarna, alleen was ik gewoon echt moe. Een hele week niet zo geweldig slapen en eigenlijk ook niet op mezelf letten en dan is dat het gevolg.

Ga ik er voor?

Ja, dat is wel de bedoeling, want lieve lezers, de stand was vanochtend 93,1 kg. Zucht. Doe ik zelf. Zoals ik vanochtend appte naar Pedro, “Dit krijg ik als ik me van alles voorneem in mijn blog en er vervolgens niet naar handel.” Ferme training, ferme discipline. Ja, ik weet het.

Snikheet: #WOT deel 31, 2020

Het wordt weer snikheet deze week. Tropisch om het maar te zeggen. Ik functioneer daar niet geweldig in. Eén dag gaat nog wel, de tweede dag wil ik het ook nog wel redden, maar de derde dag is meestal het hele huis doortrokken van de warmte. Dan is het fijne slapen ook wel voorbij. Dus van mij mag het snel voorbij zijn.

Snikheet = 1) Drukkend warm, 2) gloeiend heet, 3) intens heet, 4) smoorheet, 5) verstikkend warm, 6) tropisch warm

Andere warmte

Tijdens vakanties ben ik in best wel warme landen geweest. Marokko en Egypte onder andere. Beide landen hebben een heel ander soort warmte, waar je in Nederland een plakhitte hebt, is het daar best te verdragen. Het ligt aan de luchtvochtigheid. Egypte heb ik in januari bezocht en dan heb je daar een temperatuur die je hier in juli hebt. Maar de ergste warmte die ik ooit heb meegemaakt, was in Amerika. In 2001 was ik daar op vakantie en trok ik aan de westkust rond met een groep. We kampeerden. Dat was prima te doen daar, maar in één plaats legden we het bijna af met zijn allen. We kwamen namelijk in Las Vegas terecht en daar was het rond de veertig graden. En dan in een tentje. De begeleiders zeiden later ook dat ze met andere groepen toch maar een hotel met luxe airconditioning zouden opzoeken. Dat was te laat voor ons, we waren al ongeveer de tentjes uitgedreven.

Afbeelding van joduma via Pixabay

Schrijf je mee?

Wat vind jij van de warmte? Mag het van jou snikheet zijn of heb je liever een andere temperatuur. Gedij je het beste in de sneeuw? Dat mag ook. Schrijf mee, dat zou ik ontzettend leuk vinden.

#WOT betekent Write on Thursday. Iedere donderdag verzin ik een woord waar je over kunt schrijven (bloggen, vloggen of ploggen). Niets moet, alles mag. Je kunt op ieder moment instappen.

Over ferme discipline

Ik ben vanochtend op de weegschaal gaan staan, dat is iets wat ik eigenlijk niet moet doen, want ik schrik me elke keer rot. Maar het zorgde ervoor dat ik weer ging nadenken. Anderhalve maand geleden had ik me voorgenomen iets aan mijn gewicht te doen. Omdat het gewoon de spuigaten uitliep, ik over de 90 kg heen was en ik nergens heen ging. Omdat ik een Facebook vriend heb die wel was afgevallen en me vertelde dat het wel ferme discipline moest zijn.

Discipline

Dat ontbrak er dus wel aan, want na het goede voornemen had ik eigenlijk nergens op gelet, teveel gesnoept, af en toe wel een wijntje teveel en vooral te weinig bewogen. Het heten niet voor niets coronakilo’s. Toen ik nog dagelijks naar kantoor mocht, fietste ik dagelijks 26 km en dat vier keer per week. En de andere dagen zat ik eigenlijk ook wel dagelijks op de fiets. En nu? Eén keer per week naar kantoor. Er zijn dagen bij dat ik nauwelijks buiten kom. Het doelloze rondjes maken ben ik nog steeds niet goed in. Sport? Oh ja, dat doe je met een planning die je dan niet uitvoert. Ik voelde me niet helemaal fit deze week en ben dus niet naar kantoor geweest en heb eigenlijk alleen maandag maar gesport. Zelfs mijn plank uitdaging doe ik niet.

plank

Luiheid?

Luiheid, soms gewoon geen zin. En ook glijdt de tijd ongeveer ongemerkt weg. Voor je het weet ben je weer een week verder. Ik zat mijn werkschema voor volgende week te maken, en zag dat het dan al augustus is. Het gaat idioot hard op het moment.

Toch maar weer?

Het kan geen kwaad, een beetje opletten wat ik naar binnen werk. Tenslotte ben ik degene die wil afvallen. Ik wil gewoon weer rond de 80 kg, het liefst minder wegen. Het is me gelukt, het kan me weer lukken. En die discipline voor de plank, het kan weer. Vanavond.

Bloggen en feestjes

Gisteren heb ik blog nummer 312 gepubliceerd op /Ali. Een maand geleden heb ik hier nummer 500 gepubliceerd. In totaal heb ik op beide blogs nu 519 + 312 = 831 berichten gepubliceerd. Met het tempo waarin ik nu ga, elke dag een blog, heb ik op 13 januari 2021 mijn duizendste bericht. Dat is niet zo’n enorm getal na 17 jaar. Ik zit hier en besef, ja, dat had absoluut meer kunnen zijn. Maar ook, in deze fase van mijn leven – ik ben 56 – who bloody cares. Excusez le mot.

Andere feestjes

Zoals nummer 600, en nummer 400, zoek het maar uit. Het maakt niet zoveel uit wat mij betreft. Het is leuk om een feestje te vieren, maar ik ga er niet voor. Ik ga wel voor het bloggen. Na bijna vier maanden – joe! 1 augustus! – dagelijks bloggen, blijf ik het een verrijking vinden van mijn creativiteit. Dat schrijven vond ik altijd leuk. Opstellen tijdens mijn schooltijd, ik vond het zo leuk. Zelfs al werd het als strafwerk opgegeven. Lekker schrijven. Achteraf gezien vind ik het jammer dat ik die opstellen niet meer heb. En nu? Een verhaal maken, lekker bezig zijn. Kijken wat ik op dat moment van de week leuk vind. Eén keer in de week een vast item, namelijk de #WOT (Write on Thursday), iets dat me nogal onverwachts in de schoot werd geworpen. En af en toe erg moe iets schrijven. Jawel, vandaag.

Hoe ga ik door?

Ik ga niet voor de jubilea. Ik ga voor de fijne berichten die extra leuk zijn dankzij de reacties, die zijn namelijk leuk. Dus, optellend kom ik wel bij die 1000 berichten. Het gaat mij om het plezier dat ik er van heb. Dus zolang dat plezier er is, blog ik. Tot het volgende bericht.