Mijn collega’s lezen mijn blog en als ze dan bedenken dat al mijn collega’s in Nederland iets mogen leren over nieuwe ontwikkelingen, komt mijn blog ook ter sprake. Want ik blog, al jaren. Het lijkt heel eenvoudig daar iets over te vertellen. Toch heb Ik er af en toe spijt van dat ik heb beloofd een stukje te schrijven. Want hier zit ik nu vanochtend met 161 woorden op een Word pagina en een enorme schrijfdip. Vandaag heb ik mezelf verteld dat er echt wat moet gebeuren. De reden is dat ik donderdag een vervolgafspraak heb via Teams over de Week of Learning waarin dit blog gaat verschijnen. Ik wil een concept hebben waar ik commentaar op kan krijgen. Maar ondertussen zit ik van alles te lezen en heel weinig te schrijven.
Andere bloggers
Door de jaren heen heb ik best wel wat literatuur verzameld over bloggen, onder andere een gids voor studenten die willen bloggen. Daar werden acht vrouwen in geïnterviewd die vier jaar geleden allemaal een blog hadden. Van die acht zijn er vier al niet meer te vinden, en heeft een in 2017 voor het laatst iets gepubliceerd. De schrijfster van de gids blogt zelf ook niet meer. Ik gebruik de RSS-reader Feedly om blogs te volgen. Af en toe ga ik er doorheen en kijk ik of er nog een feed is. Vaak kom ik dan uit op een blog dat niet meer bijgewerkt wordt. Helaas, die wordt er dan uitgegooid. Dat is jammer en dat toont meteen het grootste probleem aan met bloggen: zie het maar vol te houden. Dat is dan ook de beste raad die ik mijn collega’s kan geven. Probeer een niche te vinden waar je je ei volledig in kwijt kan, en waarmee je jaren vooruit kan. Neem daarbij vooral geen voorbeeld aan mij, want ik heb geen niche, blog over van alles en nog wat en zal nooit overlopen in het aantal bezoekers van mijn site.
Het is trouwens wel goed gekomen met mijn stuk, want na de moeizame aanloop kreeg ik inspiratie en heb ik iets in elkaar gezet waar ik best tevreden over was. Het is in concept naar de collega’s en donderdag gaan we erover praten.
Ik heb het net nagekeken. In de loop der jaren heb ik zeker vijf boekenlijsten gemaakt, van die lijstjes met boeken die ik dan zou gaan lezen. Als laatste heb ik deze zomer een zomerleeslijst gemaakt. Ik zat vol goede voornemens en heb zelfs enkele boeken uitgelezen. Eén daarvan stond al bijzonder lang op de lijst: Stephen King, On writing. Ik zit me af te vragen waarom ik er zo lang over heb gedaan. Maar Rutger Bregman, De meeste mensen deugen, lijkt dezelfde kant op te gaan als Stephen King. Het boek ligt op de kast, met een bladwijzer ergens en ik lees van alles behalve dit boek. Maar heeft het zin die boekenlijsten?
Boekenbuien
Af en toe lees ik van alles in één genre. Dan heb ik een Nora Roberts bui en lees alleen maar boeken van haar. Of ik raak weer een tijdje in de boeketreeksjes verdwaald. Het is lekker makkelijk lezen, zeker ’s avonds in bed, dan maakt het echt niet uit dat je vanwege slaap de draad kwijt raakt. De volgende avond pak je die draad heel makkelijk weer op. Deze zomer had ik een jeugdboekenbui, ik had de hele Euro-5 serie gekregen, die nog uit twee series bleek te bestaan ook. De tweede serie kende ik zelfs niet. Ik heb de reeks achter elkaar uit gelezen. Daarna had ik weinig zin in volwassen boeken en ben ik op de meisjesboeken overgegaan. Dat komt ook door de minibieb bij mij in de buurt, die af en toe pareltjes oplevert. Ik heb er zelfs een meisjesboek opgeduikeld dat niet lijkt te bestaan.
Terug naar die lijsten
Ik zit me af en toe af te vragen waarom ik het doe. Het is eigenlijk een vorm van zelfkastijding. Prachtige lijsten maken met boeken die je in de zomer zou moeten lezen – waarom eigenlijk niet in de winter – en die vervolgens niet lezen. Maar wel boeken uit de bieb halen en die gaan lezen. Ook daar kan je prachtige boeken vinden. Ik was bijvoorbeeld nieuwsgierig naar Anne Tyler en heb van haar The Beginner’s Goodbye in één avond uitgelezen. Het was een fascinerend boek dat ik niet kon neerleggen. Anne Tyler stond op geen enkele lijst maar ik heb nog een boek van haar liggen, namelijk The Amateur Marriage. Ik ben benieuwd. Maar ja, er staan boeken echt al jaren op die lijsten. Bijvoorbeeld The Bridge van David Remnick over president Obama, dat volgens mij echt wel verdient gelezen te worden. Deze week zag ik dat dit najaar de memoires van president Obama worden gepubliceerd. En dat boek zou ik dan eigenlijk ook willen lezen. Het is misschien gewoon een goed idee toe te geven aan boekenbuien en lekker te lezen. Dan komt er vast wel een boek van die lijsten tussendoor. Dat is dan misschien de enige zin van die boekenlijsten: leuke titels vinden die je bezig kunnen houden.
Het is vandaag de landelijke fiets naar je werk dag. In andere jaren maakte ik dat actief mee, omdat mijn werk er aan meedoet en ik na opgave van het aantal fietskilometers altijd iets kreeg. Ik heb onder andere een telefoonhouder voor aan mijn arm eraan over gehouden. Nou is het voor mij natuurlijk een beetje onzin, want ik fiets elke dag, maar onder mijn collega’s zijn behoorlijk wat mensen die met de auto naar het werk komen en echt niet fietsen. We hebben een heel grote parkeergarage bij het kantoor.
Mijn vervoer naar en van werk is elektrisch. Ik heb al jaren een elektrische fiets, aangekocht met het toen nog bestaande fietsenplan. Ik moet dertien kilometer fietsen, hetgeen me op een normale fiets een uur kost. Die elektrische fiets schaaft daar een kwartier van af. Maar mijn gewone fiets heb ik ook nog. Daar doe ik de boodschappen mee en fiets ik naar plekken waar ik de kans loop bij terugkomst geen fiets meer aan te treffen. De elektrische fiets plaats ik altijd in een stalling, de gewone mag buiten staan. Ik fiets eigenlijk altijd, behalve nu ik thuiswerk. Maar de organisatie van de fiets naar je werk dag heeft daar wat op gevonden, je mag ook een #thuiswerkrondje fietsen.
Schrijf je mee?
Ben je een fietser? Of ben je een overtuigd autogebruiker en hoeft die fiets van jou helemaal niet? Schrijf mee. Ik wil het graag van je horen. Laat me horen wat je ervan vindt en laat een reactie achter.
#WOT betekent Write on Thursday. Iedere donderdag verzin ik een woord waar je over kunt schrijven (bloggen, vloggen of ploggen). Niets moet, alles mag. Je kunt op ieder moment instappen.
We hadden het vanochtend over cursussen tijdens de group meeting. Ik vertelde dat ik morgen een online cursus heb van VOGIN. Het is deels persoonlijke belangstelling want het gaat over verkiezingen in Nederland en is dus niet relevant voor mijn werk, maar Lexis-Nexis organiseert mee, en dat is natuurlijk wel interessant.
Online cursus
Alles wat offline in een zaal zou gebeuren in de komende maanden is nu verhuisd naar de online omgeving. Ik heb al een keer een dagdeel bij GO Opleidingen gedaan via Zoom. Morgen is het een webinar. Volgende week zit ik dan geloof ik weer via Zoom. Google zou ook nog kunnen. En dat is dan meteen het nadeel. Iedereen gebruikt weer een ander systeem. Maar terug naar de cursussen. Ik vind het een groot voordeel, dat alles online gaat. Het nodigt mij nog wel eens uit een gokje te doen. Sommige onderwerpen wil ik offline geen moeite voor doen, want ik moet de trein in en in één of andere zaal van alles er omheen bijwonen waar ik geen zin in heb. Dat alles is online wel mogelijk. Complete congresdagen worden opgedeeld in losse onderdelen en dat is dan wel aantrekkelijk, zelfs voor heel kleine groepen. Deze week dus één online sessie, de volgende week twee, en de week daarop drie. De KNVI heeft al aangekondigd dat het jaarcongres online gaat gebeuren en dat is volgens mij in november, dus ik ben benieuwd.
Nadelen
Natuurlijk heeft het nadelen. Alleen al technisch gezien. Zoom had zeker in het begin van de crisis een slechte reputatie qua privacy. Nu is het wel verbeterd. Je kan in de meeste van die systemen je achtergrond vervangen door een mooi plaatje. Bij mijn werk hebben ze een paar van die achtergronden standaard in Teams gezet. Het nadeel daarvan? Het blikkert en flikkert en je ziet af en toe stukjes uit het hoofd van degene ervoor verdwijnen. Ik laat dus meestal alleen mijn achtergrond vervagen. Thuiswerkende mensen hebben niet altijd de beste plek om te werken. Ik zat vorige week tegen een zwart hoofd aan te kijken, omdat de collega voor een raam zat dat ze niet helemaal kon verduisteren. De verbinding is af en toe niet helemaal geweldig, dan merk je goed dat sommige mensen met een wifiverbinding werken. Ik ben zo blij met mijn kabeltje naar mijn modem. Dan die klassieke fout die ik vanochtend nog heb gemaakt: vergeten dat je de microfoon op mute hebt gezet en een lang verhaal beginnen, dat je weer overnieuw kan maken omdat niemand het heeft gehoord. Of je microfoon juist niet op mute zetten zodat het telefoongesprek van iemand anders mooi duidelijk meekomt.
Voorbereidingen
Uit eigen ervaring kan ik vertellen dat niet alles meteen duidelijk is als je bezig bent met een online cursus of presentatie. Voor ik mijn eerste presentatie in Teams deed, heb ik eerst geoefend met een vriendin. Want bijvoorbeeld je scherm delen is heel makkelijk en handig, maar zorg dan wel dat je powerpoint open en wel klaar staat. Vriendin meldde dat ze de verkenner zag, maar niet de powerpoint want die moest ik nog openen. Zorg sowieso dat er weinig open staan, dat voorkomt verwarring. Voorkom storing. Tijdens de demonstratie van de best wel oude database kwam ik erachter dat die zwaar de hik kreeg in Teams en dat ik dus niet verder kon. Mijn presentatie is nu uitgebreid met screenshots. Maak het niet te lang, houd pauzes, mute je microfoon tijdens die pauze. En vooral: bereid je voor. Niets zo erg als er halverwege achter komen dat hetgene wat je eigenlijk nodig hebt, niet thuis is, maar op kantoor. Kijk, in mijn laatste alinea word ik dan toch nog even schooljuf.
Op 1 april begon ik met dagelijks bloggen, puur voor de lol en mijn eigen concentratie. Ik begon ook met een #twentydaystory net als in 2019. Alleen maakte ik een klein foutje. Ik vond het namelijk niet nodig op twintig achtereenvolgende dagen afleveringen te publiceren en daarmee heb ik mijn hoofdpersoon Maaike lang laten bungelen. Op 12 en 13 april publiceerde ik twee afleveringen, vervolgens haalde ik het uit mijn eigen dagelijkse cyclus van bloggen en kwam er niets meer van. Arme Maaike moest tot 19 september wachten tot ik eindelijk weer wat verzon voor haar. Dat moet beter worden.
Wordingsproces
Vorig jaar gedaan, en dit jaar wilde ik dat ook weer doen. Een blog over het wordingsproces van het verhaal waarmee ik eigenlijk vooral lessen voor mezelf wilde formuleren. Als je twintig dagen met een verhaal bezig bent, leer je wel wat goed of fout is. De eerste fout is al genoteerd. Beterschap is beloofd. Ik ga mijn best doen, ook met dit stuk. Eén van de fouten van vorig jaar hoop ik te voorkomen met de verhaallijn die ik al deels heb.
Goede voornemens
Het zou zo mooi kunnen zijn als je voornemens ook uitvoerde. Het verhaal van Maaike in twintig afleveringen had al afgerond kunnen zijn als ik tenminste in september had doorgezet. Maar nee. Ik heb zojuist (8 oktober) een nieuwe aflevering gepubliceerd en heb me ernstig voorgenomen het nu door te zetten en elke dag een aflevering te publiceren. Tot morgen dus.
Nog meer goede voornemens
Tot morgen was leuk, maar is niet gelukt. Nou wilde ik heel graag dit verhaal af krijgen voor het eind van oktober, maar dat wordt zeker anderhalve week in november nog doorploeteren en dubbelen. Vanaf 1 november ga ik meedoen aan #nanowrimo, National Novel Writing Month. Daar zou een boek uit moeten komen, tenminste, dat ga ik proberen. Ik heb me heel oktober al voorbereid. Het wordt leuk, want dat wordt dus de #twentydaystory, dagelijks bloggen en het boek.
#tendaystory
Het is eind december, ik heb net mijn kerstverhaal gepubliceerd en ik zit nadenkend naar mijn #twentydaystory te kijken. Ik wilde dat verhaal afhebben voor het eind van december en dat gaat dus gewoon niet lukken als ik op 26 december 9 afleveringen heb gepubliceerd. Ik heb dus een beslissing gemaakt, het wordt een #tendaystory. Met een beetje geluk heb ik morgen genoeg inspiratie voor het laatste deel.
De moraal van het verhaal
Bezint eer ge begint. Het was misschien niet zo handig dit te beginnen in een periode dat ik druk was met dagelijks bloggen, thuis werken, jongleren met buiten sporten, een beetje op mezelf letten en van alles en nog wat. Volgende keer – als die er komt – ga ik gewoon weer mee op een opdracht, in mijn eentje was het blijkbaar teveel. Het is uiteindelijk een aaneenschakeling van goede voornemens en te weinig discipline geworden, waardoor het verhaal uiteindelijk op 30 december is afgerond. Maaike blijft in portefeuille, dat heb ik haar beloofd.
Waar vind je alles?
Hier vind je mijn 2020 editie van de #tendaystory. Mijn eerdere #twentydaystory vind je hier. De bijlage over het schrijven van dat verhaal vind je hier. Wil je meer verhalen lezen? Dat kan hoor want elk verhaal heeft de tag ‘eigen verhalen’ gekregen. Veel leesplezier.
Heb ik eigenlijk gewoon geen zin in bloggen. Maar ja, dan denk ik ook, zet door meid. Mijn streven in april was elke dag te bloggen, puur vanwege de coronacrisis. De zinnen verzetten. Puur voor de concentratie. Mijn hoofd bij elkaar houden in een periode dat het voor iedereen moeilijk was, zie corona. Dus komt er ook vandaag weer een bericht. Het kan even duren, want ik heb vandaag al gesport en boodschappen gedaan. Nu wil ik dus eigenlijk gewoon even wat drinken en wat lezen. Het is voor dit moment wel goed zo.
En in de avond kan ik weer even wat meer bloggen. En bedenken wat ik deze week ga doen. Qua sport kan ik dat wel bedenken. Ik zou eigenlijk twee keer die milon cirkel willen doen en vervolgens ook willen zwemmen en yoga willen doen. Maar ook op werkgebied moet er wat gebeuren, zoals de pagina’s die ik op de intranet site heb, die moeten hoognodig herzien worden.
Qua bloggen?
Ik heb vanmiddag vaag zitten bedenken dat ik voor begin november misschien een voorraad zou willen hebben. Ik ga met een vriendin een weekje naar een Landal park, mijn laptop meenemen past niet. En wat past dan als voorraad: boekbesprekingen en verdere tijdloze stukken als de #WOT. Ik zie het wel, ik ga op vakantie met vriendin en niet met laptop. Dus als dan de cyclus wordt doorbroken, so be it. Daarna ga ik vrolijk door.
Competitie element
Er zit dat competitie element in voor mij. Elke dag iets produceren, elke dag iets schrijven, meters maken. Aan de andere kant denk ik ook, dat moet niet tot elke prijs gebeuren. Er zijn grenzen. Eén van die grenzen is de eerste oktober. Op die datum blog ik zes maanden elke dag. Mijn competitiegevoel is dan groot genoeg om het gewoon vol te houden. Daarna? Ik ga het zien. Kijk uit naar mijn bericht op 2 oktober.
Prinsjesdag: een dag die met rituelen omgeven is. En verschillende rituelen zijn dit jaar niet uitgevoerd. Neem bijvoorbeeld die rit met de gouden koets. De koets staat in het museum, het verhaal gaat dat het ding daar nooit meer uit gaat komen vanwege een omstreden paneel op die koets, en het koninklijk paar nam dit jaar de riante auto. Zit waarschijnlijk ook beter. Het paar op het balkon van paleis Noordeinde? Helaas voor al die fans van het Koninklijk Huis, koning, koningin, prins en prinses gingen dit jaar regelrecht aan de borrel. Jan Anthonie Bruijn, voorzitter van de Eerste Kamer, en daarmee voorzitter van de verenigde vergadering mocht dit jaar een uitgekleed ritueel uitvoeren. Andere jaren sprak hij uit, Leve de koning, hoera, hoera, hoera. En dat hoera mocht dan door iedereen worden uitgeroepen. Dit jaar was hij de enige die het mocht zeggen, anders was het een spreekkoor en dat mag niet ten tijde van corona.
Het #WOT woord van deze week is
Rituelen = 1) Ceremonie 2) Cultusgebruik 3) Eredienst 4) Gebruik 5) Geheel van religieuze gebruiken 6) Kerkelijk gebruik 7) Lange reeks handelingen
Rituelen
Ze komen in elke cultuur voor en zijn niet per se godsdienstig. Verjaardagen en begrafenissen vallen bijvoorbeeld ook onder rituelen. Een ritueel dat iedereen wel kent is bijvoorbeeld de Japanse theeceremonie. Je doet zo’n ritueel met een bepaalde intentie, om stress te verwerken of nieuwe gewoontes aan leren. Het ritueel van ‘Leve de koning’? Dat is niet helemaal duidelijk. Het voorlezen van de troonrede is eigenlijk al vreemd omdat gezien de ministeriële verantwoordelijkheid de koning niet verantwoordelijk is voor het beleid, dat zijn de ministers. Maar toch blijft hij het lezen. Afscheid dan? De koning heeft zijn taak gedaan, leve de koning. Hoera, hoera, hoera, denken we er dan maar bij.
Schrijf je mee?
En wat vind jij van dit ritueel? Of vind je het wel goed dat de koning het doet. Heb je zelf rituelen? Ik wil het graag van je horen. Laat me horen wat je ervan vindt en laat een reactie achter.
#WOT betekent Write on Thursday. Iedere donderdag verzin ik een woord waar je over kunt schrijven (bloggen, vloggen of ploggen). Niets moet, alles mag. Je kunt op ieder moment instappen.
In mijn blog gisteren had ik het erover dat ik schrijven zo fijn vind. En toen kreeg ik tips van mensen voor schrijfoefeningen.
750words
Drie jaar geleden werd ik door iemand op 750words gewezen. De bedoeling is dat je dagelijks online schrijft, alles wat in je hoofd op komt, alles wat er maar uit komt rollen. Het idee erachter is dat als je er een gewoonte van kan maken dagelijks op te schrijven wat er maar uit moet, het je voor de rest van de dag helpt helder na te denken. Ook zou je er creatiever van moeten worden. Ik heb het een maand gedaan en ben afgehaakt omdat het 5 dollar per maand moest kosten. Dat loopt toch aardig op. En nu heb ik mijn blog waar ik dagelijks op kan schrijven.
Morning Pages
De maker van 750words had zich duidelijk laten inspireren door de Morning Pages van Julia Cameron. Haar boek The Artist’s Way gaat over creativiteit, over motivatie, over een nieuwe levensfase. Eén onderdeel zijn die Morning Pages waarbij je drie pagina’s schrijft, maar met de hand. Over alles wat je bezighoudt, niets teruglezen, niets corrigeren, gewoon doorschrijven. Blijven schrijven tot die drie pagina’s vol zijn. Herkenbaar als je 750words al eens hebt geprobeerd, want die drie pagina’s staan ongeveer gelijk aan 750 woorden. Cameron gaat verder want die wil dat je creativiteit lost komt. Dat kan je trouwens ook heel goed met een Nederlandse cursus van Heldenreis. Dat is die hele Artist’s Way. Die Morning Pages alleen kan je ook elders doen. Inspiratie krijg ik er wel van trouwens.
De #WOT
En wat ik natuurlijk bijna vergeet is dat de #WOT ook een heel mooie schrijfoefening is. WOT betekent Write on Thursday, een schrijfoefening waarbij iemand (ik dus) een woord opgeeft, daar iets over schrijft, en mensen uitnodigt daar hun eigen slinger aan te geven. De #WOT loopt al jaren en is door verschillende mensen opgesteld. Ik heb de #WOT in april overgenomen. Doe een beroep op je creativiteit en schrijf mee!
Mijn nieuwste aanwinst uit de minibieb is een meisjesboek, heet Driftkopje verloofd en is waarschijnlijk een tweede deel uit een serie. Het boek vertelt over Mieke die in Amsterdam woont en werkt. Haar ouders wonen in de provincie. De titel valt tot mijn vreugde onder mijn theater in romans serie, want Mieke wordt lid van een amateurtoneelvereniging.
Driftkopje verloofd / Jeanne van der Griend. – Heemstede: Uitgeverij Jongland
De inhoud
Mieke woont en werkt in Amsterdam. Een collega neemt haar mee naar de amateurtoneelvereniging waar hij voorzitter van is. Ze gaat meespelen met een voorstelling. Mieke is een driftkopje en kan enorme driftbuien krijgen. Dat blijkt ook tijdens de generale repetitie waar ze heel driftig wordt over iets en daarbij een andere speelster van het toneel duwt. Daarna wil ze stoppen, maar dat mag ze niet van de rest. Ze gaat ook meedoen met een volgende productie, een stuk over een dronken zeemeermin dat door de voorzitter wordt geschreven. Ze ontmoet Theo, de broer van een van de toneelspelers. Hij neemt een rol over omdat de voorzitter een been breekt en mag samen met Mieke spelen. Ze zijn verloofd in het stuk. Maar ze gaan ook buiten het toneel met elkaar om. Theo maakt kennis met haar driftbuien maar begrijpt waar het vandaan komt en kan het haar vergeven.
Het is een stralende Mieke, die mevrouw Hamers die avond mag gelukwensen als ze elkaar bij het weggaan van Theo in de gang ontmoeten en haar overrompelt met de woorden: ‘Mevrouw Hamers, mag ik mijn verloofde voorstellen.’
Het raadsel
Elk gelezen boek gaat in mijn Goodreads en dat was ik met deze ook van plan. Nu komt het wel meer voor dat boeken er niet in voorkomen, zeker met meisjesboeken uit de jaren zestig van de twintigste eeuw. Dat is juist leuk, want dan kan ik een boek aanmaken, met een scan van de voorpagina en al. Wat minder vaak voorkomt is dat de schrijver niet te vinden is. Jeanne van der Griend was niet te vinden in Goodreads. In zo’n geval raadpleeg ik de catalogus van de Koninklijke Bibliotheek, want ik was ook nieuwsgierig naar dat eerdere deel. Geen Jeanne, wel een Driftkopje verloofd, maar van een heel andere schrijfster, namelijk Bertha Clément. Dat is een oorspronkelijk Duitse uitgave. Bertha is te vinden op de Digitale Bibliotheek voor de Nederlandse Letteren en het boek is gescand en wel hier terug te vinden. Daar blijkt ook dat het een heel ander meisjesboek is, want de hoofdpersoon heet hier Ilse. Een zoektocht in de schatkist die Delpher heet, levert ook alleen Bertha op. Haar boeken waren rond de eeuwwisseling 19e en 20ste eeuw heel populair en dat ging door tot de jaren dertig.
Jeanne van der Griend
Een nieuwe zoektocht naar Jeanne levert bij de KB niets op. Geen Jeanne, wel Berthe. De DBNL leverde ook niets op voor Jeanne. Worldcat dan, maar helaas, geen succes, wel Bertha Clément, maar geen Jeanne. En dat terwijl ze toch minstens twee boeken moet hebben geschreven. Ook op naamvariaties als J(eanne) van de(r) Griendt kan ik niets vinden. Vervolgens ga ik maar eens Googlen op deze dame en dat levert wel wat op, want het boek is verkrijgbaar bij een online boekhandel. Maar er zijn geen andere titels te vinden, terwijl er toch echt een eerder deel moet zijn, want in het boek staan verwijzingen naar een eerder deel.
Uitgeverij Jongland
In de KB catalogus kan je ook zoeken op uitgever en Jongland levert aardig wat hits op. Jongland was in de jaren zestig van de twintigste eeuw blijkbaar een uitgever die vertalingen van werken van klassieke schrijvers als Karl May, Hector Malot en Louise Alcott uitgaf. Daar komen we ook een boek tegen dat Driftkopjes schooljaren heet, maar is geschreven door Elizabeth Puhringer. Het was blijkbaar een nogal populair woord in boektitels. Aangezien de uitgeverij verder niet meer actief was, is het een goede gok dat het boek uit begin jaren zestig stamt. Bij die zoektocht leer ik iets nieuws, want in Brinkman’s cumulatieve catalogus van boeken werden alle nieuwe boeken opgenomen, leerde ik tijdens mijn opleiding. En mijn opleiding is zolang geleden dat ik het heb over de gedrukte catalogus. Maar hier staat toch mooi een opmerking dat het niet in de Brinkman is opgenomen. Zelf kan ik Jeanne van der Griend en haar Driftkopje verloofd niet controleren in de Brinkman. De KB catalogus meldt dat 1966 tot en met 1980 in de DBNL staat, maar Jeanne kan ik er niet in vinden. Maar ik vermoed dat het boek er niet in is opgenomen.
Hulp?
Oorspronkelijk was ik trouwens van plan het boek weer in de minibieb te zetten, maar dat gaat nu natuurlijk niet door. Ik word nu trouwens wel heel nieuwsgierig naar deel 1 van de serie en naar de oplossing van het raadsel dat Jeanne van der Griend heet. Vandaag dus mijn vragen: kent iemand deze auteur? Kent iemand de serie? Zijn er nog meer boeken in de serie? Kan iemand de Brinkman raadplegen voor begin van de jaren zestig? Ik kan daar niet bij. Een #dtv #durftevragen dus in de vorm van een blog.
Meer boeken waarin theater een rol speelt? Kijk op mijn boekenpagina.
‘Drommels, drommels en nog eens drommels’. Blijkbaar was ik toch net te oud om Bassie en Adriaan te waarderen, want deze uitroep kende ik niet. Een zoektocht op Twitter bewijst dat de uitspraak best vaak gebruikt wordt. Vreemd genoeg zijn het vaak klantenservice-medewerkers, bij Coolblue en bij NS online werken Bassie en Adriaan-kijkers kan ik u vertellen.
Het kan net zo goed een uitspraak van mezelf zijn, want drommels, het is vaak wel lastig een goed woord te verzinnen voor de wekelijkse #WOT. Want het moet een interessant woord zijn, soms best wel relevant in het nieuws van die week, en het moet mijn lezers uitnodigen er iets over te schrijven. En het belangrijkste: ik moet er zelf iets over kunnen schrijven. Geheimpje? Ik heb een lijst met woorden die me opvallen. Soms door iets op het nieuws, soms lees ik iets en krijg ik prachtige beelden bij een woord. Drommels was er eentje die me was opgevallen bij AD columniste Nynke de Jong. Dan sla ik dat op in een Word-documentje en ik gebruik het als het van pas komt. Er zitten ook woorden in die lijst waarvoor ik getipt ben. Daarbij kost het dan vaak wat meer moeite om er iets bij te schrijven, maar vaak lukt het wel. Er zijn ook woorden die er eeuwig in blijven staan, want – drommels – wat moet je nou schrijven bij overtoepen? Dat was een prachtig woord dat ik tegen kwam bij Volkskrant columnist Sander Schimmelpenninck.
Schrijf je mee?
En jij? Ben je van de Bassie en Adriaan leeftijd of is het gewoon je lievelingswoord en gebruik je het voor alles. Ik wil het graag van je horen. Laat me horen wat je ervan vindt en laat een reactie achter.
#WOT betekent Write on Thursday. Iedere donderdag verzin ik een woord waar je over kunt schrijven (bloggen, vloggen of ploggen). Niets moet, alles mag. Je kunt op ieder moment instappen.