Theater in romans: Mindere goden

Mindere goden van Herman Stevens is voor het eerst in 1990 verschenen en was het debuut van Stevens. Het is een boek waarvoor hij de Anton Wachterprijs 1990 kreeg, een literaire prijs voor het beste debuut. Toen het boek aan een herdruk toe was heeft hij het herschreven. Deze herschreven roman heb ik gelezen.

Verhaal

Mindere goden‘Luisteren is mijn vak.’ Theo Elsenaar ziet zichzelf als een goed verstaander. Hij is tenslotte hartspecialist. Maar in de laatste dagen voor zijn huwelijk raakt dit beeld aan het wankelen. Voor de bruiloft ensceneert zijn aanstaande vrouw Lucia een toneelspel. De Midzomernachtsdroom. Niet om de dag door te komen, maar om hem te laten zien wat ze tussen hen mist. Shakespeares toverkunsten moeten daarbij helpen. Die toverkunsten beperken zich tot het verdelen van de rollen waarbij Theo de rol van Lysander krijgt, Lucia Hermia zal spelen en Erik, een vriend van Theo, de rol van Demetrius op zich neemt. Esther, een vriendin van Lucia speelt Helena. Theo moet aldoor tekst leren, maar door zijn drukke werkzaamheden komt het er niet van. Hij stuurt Erik naar Lucia om de teksten in te studeren en dat blijkt een vergissing te zijn. Lucia gaat met hem naar bed en het huwelijk wordt afgeblazen.

Conclusie

Het boek laat me enigszins in verwondering achter en maakt de verwachtingen niet waar. Zo snel als ik door het eerste gedeelte heen ging, zo langzaam ging het tweede gedeelte. Ik was nieuwsgierig naar de afloop, maar die stelde me teleur. Temeer daar ik het verloop niet begreep. Waarom zet Lucia de Midzomernachtsdroom op? Om Theo in te laten zien wat ze tussen hen mist. Na het lezen van het boek begrijp ik het helaas niet en daardoor is het toch een onbevredigend boek dat van mij hierdoor in Goodreads drie sterren kreeg.

Herman Stevens, Mindere goden.
Amsterdam: Prometheus, 2004 (2e gewijzigde druk)

Rouw over een boekenheld: #50books, vraag 9

Heb ik een gevoel van rouw over de dood van een romanpersonage, vraagt Martha. Het leven gaat door, ook in boeken. Het is onvermijdelijk, er gaan wel eens personages dood in boeken.

Vraag 9: Heb jij wel eens gevoelens van rouw gehad, omdat een personage uit je boek overleed?

Een goed boek – en dat is bij ieder een ander boek – kan je meesleuren met de personages. Je kan er sympathie voor opvatten, je kan het ook rotpersonages vinden, gevoelens krijg je ervoor. Maar een gevoel van rouw, nee, dat heb ik nooit gehad. Tranen heb ik wel gelaten om de dood van een romanpersonage, maar dat is uitzonderlijk. Jet in Schoolidyllen was zo’n uitzonderlijk geval en dat heb ik ook beschreven.

Nijdig

Prince of the BloodIk kan wel nijdig worden op een schrijver omdat hij een persoon onnodig laat doodgaan. Raymond Feist is daar goed in. De man heeft veel boeken geschreven waar oorlogen een grote rol in spelen. Deze fantasy-auteur laat in Prince of the Blood een personage doodgaan en dat zag ik niet aankomen. Locklear is de vriend van James of Jimmy, voor mij één van de leukste personages uit de Feist boeken. Locklear wordt in dit boek vermoord, en dat was voor mij onverwacht en onnodig. De boeken van Feist werden wat minder leuk. Vervolgens laat hij in Shards of a Broken Crown Jimmy met zijn vrouw doodgaan. Toen werd ik helemaal nijdig. Het personage dat voor mij de boeken van Feist tot een feest maakten en hij gaat dood. Moet ik nog zeggen dat Feist voor mij niet meer zo leuk is?

De leesvraag #50books is een initiatief van Peter. Hij heeft de vragen in 2013 en 2015 gesteld. Martha stelde ze in 2014, Hendrik Jan in 2016. Dit jaar worden de vragen door Martha gesteld. Deze vraag staat hier.

Theater in verhalen: A Question of Patronage

In mijn serie besprekingen van romans waar het theater een rol in speelt, wil ik af en toe een uitstapje maken naar korte verhalen. In de bundel The Mammoth Book of Vampire Stories by Women die ik op dit moment lees, komt een verhaal voor van Chelsea Quinn Yarbro, A Question of Patronage. Ze heeft een serie historische horrorromans geschreven die om de vampier Saint-Germain draaien. Deze vampier speelt ook in dit verhaal een rol.

Het verhaal

Het verhaal speelt in de negentiende eeuw in een Engelse stad. John Henry Brodribb, jongste bediende in een administratiekantoor, ontmoet graaf Ragoczy, een klant van zijn kantoor. Hij kopieert het accountboek van deze klant en vertelt hem dat hij onregelmatigheden heeft ontdekt. Er wordt geld gestolen van de graaf. Deze komt ’s avonds naar het kantoor om deze dingen te bekijken en ontdekt dan het geheim van John. Hij wil acteur worden en besteedt de avonduren aan het uit het hoofd leren van toneelstukken. John en graaf Ragoczy vinden samen uit wie achter de onregelmatigheden zit. Hij wordt door de graaf beloond met geld waarvoor hij zich inkoopt in een toneelgezelschap en de rol van Romeo kan spelen in Romeo en Julia. Het is overigens opmerkelijk dat in een verhaal dat in een bundel over vampieren wordt opgenomen, het woord ‘vampier’ geen enkele keer valt.

Henry Irving

De jonge John verandert zijn naam naar Henry Irving. Deze acteur was in de Victoriaanse tijd een bekend acteur met een eigen theater. Irving was de inspiratie voor graaf Dracula, hoofdpersoon van de roman van Bram Stoker, Dracula. Bram Stoker heeft enige tijd voor Irving gewerkt in het Lyceum Theater en heeft zelfs een biografie geschreven van Irving.

Chelsea Quinn Yarbro, A Question of Patronage, a Saint Germain Story. In Stephen Jones, Ed. The Mammoth Book of Vampire Stories by Women. London: Robinson, 2001.

Klok: #WOT deel 9

Ik heb vandaag bewust even niet naar de klok gekeken. Gisteren was ik halverwege de dag ziek naar huis gegaan, vandaag heb ik op de bank gehangen. Ik voelde me wel beter, maar voelde ook dat ik rust moest nemen. Weken lang van drukte, kou, regen en slecht slapen eisten hun tol. Ik heb de dvd-speler aangezet en heb twee films zitten herkijken. Dan hoef je niet zo op te letten.

klokKlok ~ 1) Alarmapparaat 2) Alarmtoestel 3) Bel 4) Deel van een carillon 5) Dashboardinstrument 6) Dier 7) Glazen bedekking 8) Glazen stolp 9) Hank 10) Iets dat de tijd aangeeft 11) Illusionist 12) Kerstversiering 13) Kloek 14) Koekoeksklok 15) Nederlandse illusionist 16) Pendule 17) Slingeruurwerk 18) Soort horloge 19) Stolp 20) Teug 21) Tijdaanwijzer.

Tijd regeert in ieders leven, zo ook bij mij. Mijn twee wekkers gaan vroeg af. Ik moet op een bepaalde tijd de deur uit om op tijd op mijn werk te zijn. Aan het eind van de dag moet ik weer op tijd de werkdeur uit omdat ik ’s avonds vaak bezigheden heb. Naar huis, eten, weer weg, zo gaat dat vaak bij mij. Ik heb er een hekel aan te laat te zijn en ga dus op tijd de deur uit. Als ik naar een mij onbekend adres moet, gebruik ik Google Maps om uit te rekenen hoe lang ik erover doe.

Horloge

Bij al dat klokkijken hoort een horloge. In mijn geval één met een grote wijzerplaat en grote cijfers zodat ik met lenzen en zonder leesbril kan zien hoe laat het is. Een paar weken geleden was het batterijtje leeg. Ik moet er mee naar de juwelier, maar daar is het tot nu toe niet van gekomen. Klokken zijn overal. Die twee wekkers in mijn slaapkamer. De klok op mijn dressoir. De tijdsaanduiding in de apparaten in mijn tv-meubel. Mijn oven weet hoe laat het is. Mijn telefoon kan me dat ook vertellen. Overal op straat vind je de tijd. De tijdsaanduiding rechts beneden in de taakbalk op de computer. Mis ik mijn horloge? Nee. Het zou wel eens kunnen dat het nog even duurt voor dat nieuwe batterijtje er komt.

Iedere donderdag publiceert @drspee een woord waar je over mee kunt bloggen, vloggen, ploggen of op een andere manier kunt meedoen. WOT betekent Write on Thursday. Het woord van deze week staat hier.

Foto: Pixabay, CC0 gebruik

Boeken om naar uit te kijken: #50books vraag 8

Met vier jaar #50books vragen is het onvermijdelijk dat er vragen opnieuw voorbij komen.

Naar welk boek dat dit jaar (2017) uitkomt, kijk jij uit en waarom?

Zuchtend heb ik mijn antwoord van vorig jaar er maar bij gepakt. En gelukkig is er wel wat uitgekomen. Dragon Spawn van Eileen Wilks is uitgekomen en geëindigd met zo’n cliffhanger dat ik haar uit nijd een ster minder op Goodreads heb gegeven dan ik oorspronkelijk van plan was. Dragon Blood, het vervolg komt – misschien – eind 2017 uit. Ik haat series.

Het betere werk

boekenNamelijk het niet-seriewerk: Juliana. In huis, aan begonnen, maar nog niet echt tijd voor gehad. Het werk waar ik in vorige jaren naar uitkeek: Written in my own heart’s blood van Diana Gabaldon. En zo kan ik nog wel een aantal titels opnoemen. Eind vorig jaar heb ik mijn boekenkast opgeruimd. Toen kwam ik toch wel een behoorlijk aantal boeken tegen die ik nog niet had gelezen. Ik heb mezelf op rantsoen gezet. Geen boeken meer kopen… In ieder geval niet zo veel… Elk jaar komen er wel boeken die je echt wel wil hebben, maar gelukkig staan er voor dit jaar niet echt boeken op het programma. Om je vraag dus te beantwoorden, Martha, ik kijk dit jaar niet echt uit naar specifieke boeken.

De leesvraag #50books is een initiatief van Peter. Hij heeft de vragen in 2013 en 2015 gesteld. Martha stelde ze in 2014, Hendrik Jan in 2016. Dit jaar worden de vragen door Martha gesteld. Deze vraag staat hier.

Een repetitieavond bij Spelegast

Haghespel, het blad voor het Haagse amateurtoneel, waar ik hoofdredacteur van ben, kent een regelmatig terugkerende rubriek, “Een repetitieavond bij…”. Ik ga dan op bezoek bij een amateurtoneelgroep uit Den Haag en/of omstreken. Een mooie gelegenheid om een groep beter te leren kennen en iets te vertellen over het stuk dat ze gaan spelen. Voor Spelegast was dit een speciale gelegenheid. Dit is het laatste stuk dat ze spelen. Hierna houdt de groep op te bestaan. Het eind van een geschiedenis van bijna veertig jaar.

Op maandagavond ga ik op bezoek bij Spelegast. Het is een bijzondere avond omdat dit de Grande Finale wordt van Spelegast. Dit was een moeilijke beslissing, maar onhoudbaar. De vaste kern van Spelegast bestaat tegenwoordig uit twee mensen, Nel van Someren en Pierre Magnée. Ze hebben om assistentie gevraagd aan de oud-leden en hebben nu een groep bijeengekregen om ‘Af’ van John Chapman te spelen, onder regie van Marian Pankow. Mieke Pauwels, Wim Gerrits, Eveline Coster, Ronald Tellekamp, Hans-Peter Ligthart, Hans de Graaf, Ingrid van de Sande en Nel spelen. Pierre organiseert. Veel van deze mensen spelen nog, maar bij andere groepen. Ingrid en Wim spelen eigenlijk niet meer, maar zijn teruggekomen bij Spelegast voor deze laatste productie.

De repetitie

Voor de repetitie wordt er koffie en thee gedronken en wisselen de spelers trucjes uit voor tekst leren. Ik spits mijn oren, want dat is ook niet mijn sterkste punt. Iedereen heeft zijn eigen manier, blijkt wel weer. Het tweede bedrijf is vanavond aan de beurt en dat wordt de eerste keer dat zonder boekje wordt gespeeld. Dat betekent dat de stem van souffleuse Yvonne Prins-van den Bemt vaak te horen is. Vanwege tekstmissers mag er een paar keer opnieuw worden begonnen, maar dan loopt het beter. Marian vindt dat het goed gaat, maar er moet nog wel een tandje bij. Voor haar zou het in dit stadium finetunen moeten zijn, maar daar gaat het nog te vaak voor mis.

Af van John Chapman

‘Af’ van John Chapman is een stuk in een stuk. Als je zoals ik bij het tweede bedrijf begint, dan is het wel wat lastig dat te doorgronden. Ik mis de introductie nog. In dit stuk lopen werkelijk leven en een toneelstuk door elkaar. De spelers spelen zichzelf, maar ook in een toneelstuk. De titel is overigens veranderd. De oorspronkelijke Engelse titel ‘Will you leave the stage?’ is vrij vertaald naar ‘Af’, een titel die je op meerdere manieren kan opvatten. De spelers discussiëren ook nog over de namen, moeten ze elkaar aanspreken met de toneel- in toneelnamen, of de toneelnamen, of de eigen namen. Die laatste mogelijkheid wordt vrij snel afgeschoten, niemand ziet dat zitten.

Geschiedenis

Na de pauze ga ik met Nel en Pierre apart zitten, want een stukje geschiedenis van een groep die bijna veertig jaar bestaat mag er ook bij.
Spelegast werd opgericht op 3 maart 1978 in Den Haag. De oprichters Ed Venekamp, Wies Pols, Fred Kreiss, Jaap Koning en Ard IJssel de Schepper speelden gezamenlijk bij een andere groep en besloten een eigen groep op te richten. Nel zit er vanaf 1982 bij, Pierre vanaf de oprichting. Nel is nu voorzitter, eerdere voorzitters waren onder andere Jaap Boersma, Henk Postma, Jaap de Die en Kees Klop.
Het eerste stuk was ‘Onder het melkwoud’ van Dylan Thomas. De groep heeft onder andere gespeeld in de theaterzaal van het Congresgebouw, later ook in Diligentia, de Koninklijke Schouwburg, de Rijswijkse Schouwburg, het voormalige Waag theater, Korzo, het Spuitheater en natuurlijk in het voormalige Theater De Poort aan de Paviljoensgracht. Het 25-jarig toneeljubileum is gevierd in theater Merlijn.
2017-02-06 23.26.15In de gouden tijd hebben ze vaak hun nek uitgestoken. Vaak werden er nieuwe stukken gespeeld met onbekende nieuwe regisseurs. In vroege tijden was het relatief eenvoudig om extra fondsen te krijgen voor een productie. De groep speelde gemiddeld twee maal per jaar, met een regisseur uit het professionele of het amateur-circuit. Juist voor de afwisseling is het leuk, een andere regisseur werkt anders, kiest anders en je kan er iets anders van leren. De keuze van het stuk werd bepaald door de leescommissie, maar was vaak ook een keuze van de regisseur. Stukken die gespeeld zijn: ‘Tosca’ (25-jarig jubileum van Noep van den Bemt), ‘De Spaanse Hoer’ (40-jarig jubileum Noep van den Bemt) en ‘Ons kent ons’, waarmee ze naar het theaterfestival in Elsloo zijn geweest. Bij het noemen van de namen en stukken doe je snel mensen te kort omdat er in bijna veertig jaar heel veel regisseurs zijn geweest en ongeveer zeventig stukken zijn gespeeld. Er is een speellijst op de website van Spelegast te vinden.

Het einde

Spelegast is heel lang een bloeiende vereniging geweest, maar het werd heel lastig om jonge mensen binnen de groep te houden. Ook waren er relatief veel ouderen, en dat is helaas een bekend probleem bij verenigingen. Toen de penningmeester vertrok hebben Nel en Pierre de kwestie aan de overige leden voorgelegd. Niemand wilde in het bestuur. Vervolgens is er eerst over fusie met andere verenigingen gesproken maar daar is niets uitgekomen. Uiteindelijk is in onderling overleg besloten nog één keer een stuk te spelen onder regie van Marian Pankow. Ze zijn blij dat zoveel oud-leden mee wilden spelen.
Spelegast heeft van veel leden afscheid moeten nemen. Onder andere Noep van den Bemt, Dorine Levert, Kitty Ivens, die altijd zorg heeft gedragen voor de kleding, en Peter Blumenthal. Mensen met wie ze prachtige producties hebben gemaakt. De groep heeft altijd veel vaste bezoekers gehad en veel donateurs en daar zijn ze dankbaar voor.

Het is wel verdrietig om te bedenken dat dit het laatste stuk wordt. ‘Af’, de laatste productie, speelt 24 t/m 26 maart in Theater De Vaillant. Zondagmiddag wordt het glas geheven op Spelegast.

Dit artikel is gepubliceerd in Haghespel, jrg. 12, nr. 2, februari 2017.
Meer foto’s in mijn photostream en op de website van Spelegast.

Schurken: #50books vraag 7

Zondag, de dag waarop de nieuwe #50books vraag wordt gesteld. Een vraag die met ditmaal toch met wat problemen opzadelde.

Vraag 7: Wie is jouw favoriete schurk?

Schurken in soorten en maten

  • Wild JusticeDe onzichtbare wereldveroveraars: Sauron, uit The Lord of the Rings. Een soort waar ik nooit veel van heb begrepen, want wat is er voor lol aan opperschurk in een leeg geplunderd land te zijn.
  • De enge schurken: ik noem hem toch maar even: Voldemort, uit de Potterboeken. Vond ik perfect in de film. Maar wel een macht tot de elfde machtfiguur waar ik ook niets van begrijp.
  • De niets ontziende schurken: Wild Justice van Wilbur Smith is me altijd bijgebleven door de manier waarop de schurk een moord pleegde: puur voor het effect.
  • Financiële schurken: snel rijk worden op een niet zo leuke manier die anderen schade aanbrengt. Helaas tegenwoordig nonfictie, zie bijvoorbeeld Dit kan niet waar zijn van Joris Luyendijk.

En je lieveling, Ali?

Ja, daar hebben we het probleem. Ik heb geen lievelingsschurk. Ik ben dol op branieachtige jongens die het predicaat schurk nog niet verdienen. Zie bijvoorbeeld Jimmy in de Raymond Feist boeken, en Gooseberry in de Octavius Guy boeken van Michael Gallagher. Charmante schurken, een soort dat zo toegevoegd kan worden aan het bovenstaande lijstje. Maar voor de rest zijn de helden meer mijn favorieten.

Je gaat ervan lezen

Deze zaterdagochtend is gevuld met huis opruimen, hachee maken, een was in de wasmachine gooien, notulen van vergaderingen afmaken, posters maken en weer beginnen in Wild Justice van Wilbur Smith. Mijn Goodreads currently-reading lijst staat op twaalf.

De leesvraag #50books is een initiatief van Peter. Hij heeft de vragen in 2013 en 2015 gesteld. Martha stelde ze in 2014, Hendrik Jan in 2016. Dit jaar worden de vragen door Martha gesteld. Deze vraag staat hier.

Theater in romans: Phileine zegt sorry

Phileine, de hoofdpersoon in deze roman van Ronald Giphart, is “beauty brains beast best”. Haar vriend Max vertrekt naar New York om daar te gaan studeren. Het gaat om een Shakespeare project waar hij als toneelspeler aan kan meedoen, een ‘eens-in-zijn-leven’ gelegenheid die hij zich niet kan laten ontgaan. Max vertrekt naar New York en Phileine besluit hem daar onverwachts op te zoeken. Ze treft hem aan in een wel heel eigentijdse uitvoering van rOmEO-n-jULieT en dan knapt er iets in haar.

Phileine Phileine Phileine

Niet voor niets noem ik de hoofdpersoon drie keer. Het verhaal wordt verteld vanuit haar perspectief en dat is wennen, zeker in het begin. Phileine komt over als een meisje dat absoluut schattig gevonden wil worden, maar eigenlijk een egocentrisch kreng is. Nieuwsgierig als ik ben lees ik door en zo rond pagina 89 grijpt het me eindelijk. Ze pikt het niet en in totale dronkenschap zet ze Max voor het blok tijdens de voorstelling. Nou moet ik wel zeggen dat geen enkele vrouw het leuk zou vinden als haar vriendje seks heeft op het podium in een experimentele toneelvoorstelling. Waar het verhaal om draait is Phileine, hoe zij dit aanpakt en verwerkt. Hoe zij uiteindelijk toch weet uit te komen voor het feit dat ze spijt heeft. Ze zegt sorry.

Wat vind ik ervan?

PhileineEén van de redenen dat ik in het begin een beetje moe werd van het boek is het grofgebekte taalgebruik van Giphart en de seks. Is er nou werkelijk geen één Nederlands boek zonder seks? Moet dat nou altijd? Blijkbaar wel. Dat zal wel de vrijgevochten Nederlandse geest of zo zijn. Van mij hoeft het eigenlijk niet. Als je seks nodig hebt om de aandacht vast te houden, houdt het een beetje op. Phileine bleef het hele boek door een onuitstaanbare muts, maar wel eentje die intrigeerde. Wat het leuk maakte waren zinnen als: “Hoewel Max en ik op het mentaal-theoretische vlak van het fysiek-seksuele discours het paradigma van de buitenrelationele cohabitatie in principe niet ontkennen noch a priori veroordelen, moet hij in de praktijk heel simpel met z’n vieze jatten van andere wijven blijven.” (pag. 89) Dat vind ik humor en daarmee mag Giphart dan rustig doorgaan. Dat maakte het boek als geheel geslaagd en bij vlagen super interessant, maar niet “de beste roman aller tijden” zoals Herman Brusselmans op de voorzijde van het boek verklaart. Het boek is in 2003 verfilmd met Kim van Kooten in de rol van Phileine en snoepje van het jaar Michiel Huismans als Max.

Ronald Giphart, Phileine zegt sorry
Amsterdam: Uitgeverij Podium, 1996, 23ste druk 2009

Gedesillusioneerd door een film: #50books vraag 6

Boekverfilmingen, niets is zo makkelijk voor filmmakers, er is tenslotte al een verhaal. En niets is ook zo moeilijk als je naar de ongezouten commentaren luistert.

Raak jij ook zo gedesillusioneerd als je na het lezen van een boek de film kijkt?

Boek na de film

Ik raak niet zo snel gedesillusioneerd. Een boek is iets anders dan een film. Van de beste boekverfilmingen heb ik eerst de film gezien en ben vervolgens het boek gaan lezen. Dat was het geval met The Lord of the Rings. Ik had al twee films gezien voor ik aan de boeken begon. De films zijn goed, de boeken zijn goed. Andere filmkijkers denken er anders over, die vervloeken de verfilmingen van Peter Jackson. Dat komt vooral omdat hij in hun ogen essentiële delen van de boeken eruit heeft gelaten.

Film na het boek

Een film waar ik mild teleurgesteld van was, was Miss Peregrine’s Home for Peculiar Children, naar de boeken van Ransom Riggs. Niet alleen had Tim Burton drie boeken in één film gegooid, gerommeld met de diverse eigenschappen van de kinderen, maar ook nog eens een ander einde aan de film gemaakt. Een redelijk zouteloos en nutteloos romantisch einde. Amusant, leuk, maar mild teleurstellend. Dat komt ervan als je eerst als een trein door drie boeken heen gaat en vervolgens de film bekijkt. Het was niet mijn idee van een verfilming, daar was toch meer van te maken.

Eigen beeldvorming

Als ik goed in een boek zit heb ik er een beeld bij. Ik vorm ideeën bij de hoofdrolspelers en maak eigen beschrijvingen van landschappen. Dat zit me dus wel in de weg bij boekverfilmingen. Eerst een film zien en vervolgens het boek gaan lezen houdt teleurstellingen weg, is mijn ervaring. Een regisseur gooit er zijn eigen artistieke vrijheid overheen en dat is vaak niet mijn artistieke vrijheid.

De leesvraag #50books is een initiatief van Peter. Hij heeft de vragen in 2013 en 2015 gesteld. Martha stelde ze in 2014, Hendrik Jan in 2016. Dit jaar worden de vragen door Martha gesteld. Deze vraag staat hier.

Vroeg: #WOT deel 6

Een vroege #WOT van Martha, maar dat is ook de bedoeling.

De #WOT van deze week: Sta jij graag vroeg op?

Geeuwend en gapend zit ik mijn twittertijdlijn te bekijken, ben ik koffie aan het drinken en lees ik het eerste appje van de dag. Ah, de man van de aannemer zit in de file, ik kan wakker worden. Mijn Instagram tijdlijn zit vol met vroege vogels die foto’s laten zien van zonsopgangen en gebouwen die helemaal verlicht zijn. Ik niet. De wekker gaat bij mij om half zeven voor het eerst en dan ben ik er om zeven uur uit, omdat het echt moet.

Ja maar

zonsopgangVroeger, lang geleden toen ik een stuk jonger was en nog studeerde, zette ik mijn wekker vaak op zes uur en ging dan studeren. Tijdens mijn middelbare schooltijd maakte mijn vader me vaak vroeg wakker en dan kon ik studeren. De beste dingen heb ik heel vroeg in de ochtend geleerd. Dat lukt me niet meer. Ik kan mijn leeftijd tegenwoordig in heel veel argumenten gebruiken. “Ja maar, mijn leeftijd”. Tot ik er zelf doodmoe van word. Maar hier is het een valide argument. Hoe ouder ik word, hoe meer ik er op moet letten dat ik voldoende slaap krijg. Lag ik vroeger regelmatig na middernacht in bed, tegenwoordig zet ik vaak rond half 11 al “Trusten” op mijn twittertijdlijn. Dan ben ik in staat om op tijd mijn bed uit te komen, zodat ik rond kwart voor acht op mijn fiets kan klimmen en rond half negen op mijn werk aan te komen. En dat is wel lekker. Want dat geldt nog steeds: de beste dingen gebeuren ’s ochtends.

Iedere donderdag publiceert @drspee een woord waar je over mee kunt bloggen, vloggen, ploggen of op een andere manier kunt meedoen. WOT betekent Write on Thursday. Het woord van deze week staat hier.

Foto: Pixabay, CC0 gebruik