Klassiekers op een bounty-eiland: #50books vraag 22

Martha vraagt iets redelijk eenvoudigs dit keer, lijkt het. Voor het antwoord op deze vraag heb ik namelijk wel een paar kandidaten.

Met welke klassieker wil jij op een bounty-eiland in je hangmat of strandstoel zitten?

Mijn klassieke keuze

A Connecticut Yankee at King Arthur's CourtHelaas mag ik maar één boek kiezen en dat bracht me wel even aan het denken. Maar ik ben er toch uit gekomen. Het is een boek dat ik heb gelezen voor mijn Engelse lijst van de HAVO en toen heb ik me er kostelijk mee geamuseerd. Ik wil het altijd nog een keer lezen en het staat zelfs al op mijn e-reader: A Connecticut Yankee at King Arthur’s Court van Mark Twain. Een Amerikaan uit de negentiende eeuw komt in de zesde eeuw terecht aan het hof van de legendarische Koning Arthur. De meningen zijn verdeeld over het boek als ik Goodreads bekijk, maar ik moet eerlijk zijn, mijn leeslijst van de HAVO ligt 35 jaar achter me, zo goed kan ik het me niet meer herinneren. Het wordt dus een mooi boek voor op het strand in Bretagne deze zomer. Overigens, voor degenen die het willen lezen: Gutenberg heeft het in de collectie.

Verfilming

Het boek is in 1949 verfilmd met Bing Crosby in de hoofdrol. De plot van het boek werd wel een beetje omgegooid want Bing is in deze film een zingende mecanicien uit 1912. Vrij logisch gezien zijn carrière. Wat me nog altijd bij is gebleven van die film, is Bing die in de rij staat om opgehangen te worden en in een soort Enkhuizer almanak iets opzoekt waardoor hij zijn leven redt. Hij voorspelde een zonsverduistering als ik het me goed herinner.

De leesvraag #50books is een initiatief van Peter. Hij heeft de vragen in 2013 en 2015 gesteld. Martha stelde ze in 2014, Hendrik Jan in 2016. Dit jaar worden de vragen door Martha gesteld. Deze vraag staat hier.

Luisteren: #WOT deel 22

In mijn vak zie ik eigenlijk alleen maar vakliteratuur, gortdroge artikelen en boeken over geotechniek en geologie. Geen dingen die je voor de lol gaat lezen. Ik was dus aangenaam verrast toen ik in een nieuwsbrief een comic aangekondigd zag.

Geogirl

GeogirlGeogirl vs. Lance Lied is een comic over aardverschuivingen. De tekst is afkomstig van Murray Engineers, een ingenieursfirma die zich inderdaad bezig houdt met aardverschuivingen. De comic is getekend door Amelia Davis. GeoGirl is de heldin met heldinneneigenschappen: Outfitted with the latest technologies, great balance, and an uncanny ability to sense unstable earth conditions, GeoGirl combats geologic hazards to save citizens and their structures from catastrophic disasters. Zij voorkomt dat de schurk van het verhaal, Lance Lied een aardverschuiving veroorzaakt. Het is een leuk getekende comic waar ik op mijn werk veel succes mee had. Ik kreeg tien exemplaren gratis binnen en ze waren zo weg.

En de #WOT?

GeoGirl of liever gezegd de schurk Lance Lied heeft een connectie met de #WOT van deze week, want het woord is luisteren. Om die connectie te zien of liever gezegd te horen, moet je maar een paar keer de naam van deze Amerikaanse schurk en het Engelse woord voor aardverschuiving achter elkaar zeggen en ernaar luisteren:
Lance Lied – landslide.

Luisteren ~ 1) Aandacht schenken 2) Aanhoren 3) Afluisteren 4) Aandachtig horen 5) Auditief waarnemen 6) Behoren 7) Beluisteren 8) Bemerken 9) Fluisteren 10) Gehoorzamen 11) Gericht horen 12) Horen 13) Iets vernemen 14) Ingesteld om te horen 15) Invloed van iets ondergaan 16) Laat zich makkelijk sturen 17) Met aandacht horen 18) Met het oor waarnemen.

Iedere donderdag publiceert @drspee een woord waar je over mee kunt bloggen, vloggen, ploggen of op een andere manier kunt meedoen. WOT betekent Write on Thursday. Het woord van deze week staat hier.

Boeken voor mijn moeder: #50books vraag 21

De vraag van deze week is naar aanleiding van Moederdag. Wederom is het een doordenker in de #50books reeks.

Vraag 21: Welk boek zou jij je moeder cadeau geven voor moederdag?

Leesgenen

Ik zeg altijd dat ik mijn leesgenen heb van mijn vader. Dat is niet helemaal eerlijk, want mijn moeder las ook veel. Alleen verschilden onze smaken dermate dat een vraag over wat ik haar zou geven wel moeilijk is.

Een boek voor mijn moeder

Dolle tweeling omslagIk zou haar boeken geven die ze in haar jeugd zelf nooit gehad heeft. Ze was het tweede kind uit een gezin met dertien kinderen, heeft alleen huishoudschool gehad en is al vroeg gaan werken. Veel tijd of geld voor jeugdboeken zal er niet geweest zijn en dat had ik, als haar dochter dus wel. De Pitty-boeken, daar heb ik van genoten. Enid Blyton was sowieso populair bij mij, want wie heeft de Dolle Tweeling reeks niet gelezen? En de Vijf-boeken? En dan ga ik ook nog voor boeken voor oudere meisjes, want bijvoorbeeld Cissy van Marxveldt met haar Joop Terheul kan ik niet overslaan. Leni Saris, waanzinnig populair toen ik een tiener was. Ik heb nog steeds boeken van haar staan.

Sprongetje naar volwassen boeken

Van Cissy naar streekromans. Veel, heel veel van gelezen, mijn moeder las ze ook. Maar waar ik me ook uitstekend mee heb geamuseerd en dit jaar heb uitgelezen is Nora Roberts, de Guardians-trilogie. Best aardig geschreven, leest heerlijk weg, spannend, ik denk dat mijn moeder dat ook wel leuk had gevonden. Maar wel in het Nederlands, want Engels las ze niet. En dan wordt het gokken, want ik houd bijvoorbeeld heel van fantasy, kan best wel genieten van de Harry Potter boeken en lees me af en toe suf aan thrillers en detectives. En ik weet niet of ze dat leuk had gevonden. Helaas kan ik het ook niet meer vragen, want ze is 23 jaar geleden overleden. De vraag heb ik hiermee dus eigenlijk niet beantwoord, maar ik heb keuze genoeg.

De leesvraag #50books is een initiatief van Peter. Hij heeft de vragen in 2013 en 2015 gesteld. Martha stelde ze in 2014, Hendrik Jan in 2016. Dit jaar worden de vragen door Martha gesteld. Deze vraag staat hier.

Barbecue: #WOT deel 21

BBQ ~ 1) Buitengrill 2) Grill 3) Grill in de open lucht 4) Grillapparaat 5) Toestel om vlees te roosteren 6) Toestel om vlees in de open lucht te roosteren 7) Vleesmaaltijd 8) Vleesrooster 9) Vuur om te roosteren 10) Zomers roosterfeest.

Spelling

In de titel van dit stukje staat het woord voluit en ik tikte het automatisch met een q. In het word-document waar ik al de #WOT’s noteer werd het automatisch verbeterd. Het Groene Boekje vertelt me ook dat die c correct is. Die q: Frans. Tenminste volgens die ene site waar het als volgt wordt uitgelegd: Reeds lang lang geleden. Zeg maar Asterix en Obelix tijd werden Franse zwijnen aan een braadspit geroosterd. In de volksmond werd zo’n braadspit “Erin bij de Baard, eruit bij de Staart” genoemd. Vertaald naar het Frans: Barbe-et-queue. (baard=barbe, en=et, staart=queue). Aangezien de Fransen alles aan elkaar plakken bij het praten krijg je Bar-B’et-queue. Spreekuit: BarBQ. In het Engels is daar een c in terecht gekomen, de Engelsen kunnen die u aan het eind niet uitspreken. Of dit prachtige verhaal waar is? Ik weet het niet. De dikke Van Dale vertelt het verhaal niet. Mijn Micro Robert, stammend uit mijn Middelbare Schooltijd, geeft barbecue met een c en vertelt helemaal niets over Asterix en Obelix

Nee, het is niet Amerikaans

Een hardnekkig verhaalHet woord barbecue schijnt volgens andere verhalen zijn oorsprong te vinden op de Texaanse ranch BQ-Ranch, waar het vee werd gebrandmerkt en het vlees boven het vuur werd geroosterd. Voor het brandmerken werd een ijzeren staaf gebruikt met daarop de letters B en Q, vandaar het woord Bar-BQ. En daar komt dus ook die afkorting BBQ vandaan en de hardnekkige foutieve spelling barbeque.

Barbeknoeien

groenteIk houd er niet van. Dat mag wel duidelijk zijn. Ik houd er al helemaal niet van als je het zelf moet gaan doen. Dat geknoei met vleesvorken en zorgen dat je vlees gaar wordt. Nee, geef mijn portie maar aan fikkie. Het heeft te maken met die ene keer jaren geleden dat ik ziek werd na een barbecue. Als ik dus bij zo’n festijn terecht kom, ben ik ineens vegetarisch. Geef mij maar een bak groente.

Iedere donderdag publiceert @drspee een woord waar je over mee kunt bloggen, vloggen, ploggen of op een andere manier kunt meedoen. WOT betekent Write on Thursday. Het woord van deze week staat hier.

Foto: Pixabay, CC0 gebruik.

Theater in romans: Kom hier dat ik u kus

Verhaal

Kom hier dat ik u kusKom hier dat ik u kus is een roman over Mona, als kind, als vierentwintigjarige, en als vijfendertigjarige. Het gaat over haar moeder die overlijdt als ze negen is, over haar tweede moeder Marie, over haar vader, haar broer Alexander en haar halfzusje Anne-Sophie, maar vooral over Mona zelf. Het hele boek is geschreven vanuit Mona’s gezichtspunt en vooral het eerste deel vond ik knap geschreven. Haar leven komt naar voren als een normaal leven maar er gebeuren dingen waaruit blijkt dat het niet helemaal goed is. Het begin van het tweede deel zet me op het verkeerde been. De opsomming van irrationele hekels die Mona heeft is uitputtend lang. Ook de manier waarop ze haar huis uitloopt en stilstaat alsof het leven stilstaat is bevreemdend. Het doet me het ergste vrezen over haar geestelijke gezondheid. Ze bouwt haar leven op, privé en in haar werk als dramaturg. Het derde deel beschrijft Mona als 35-jarige, nu al jaren samenwonend met Louis waarvan ik in deel twee dacht dat het niets zou worden. Ze werkt nog steeds voor Marcus, een regisseur. Haar vader wordt ziek en belandt in het ziekenhuis. Dat zorgt voor een ommekeer.

De theaterconnectie

Mona is dramaturg, een baan waarin ze zich bezig houdt “met de tekst, en als het goed is ontwikkelen die twee [regisseur en dramaturg] samen een concept voor de productie, dat ze, in overleg met mekaar, bewaken en bijsturen om tot het beste resultaat te komen.” (p. 143-144) In het tweede deel gaat ze werken voor Marcus, een regisseur die op dat moment al een beroepsreputatie heeft, het is een eer om voor hem te mogen werken. Ze zegt zonder moeite haar oude baan op.

Prachtige taal en zinnen

Het is het Vlaamse taalgebruik met ge en U, waar je als nuchtere Nederlander wel even aan moet wennen. Er staan ook pareltjes van zinnen als deze: Het is in het beklemtonen van dat iets niet erg is, dat het ons niet bang maakt, dat we er niet triest van zijn geworden, dat we vaak net de heftigheid van de ware emotie verraden, ook al geloven we het schimmige zelfbedrog terwijl we het aan het formuleren zijn. (p. 166)

De kern

De kern van het verhaal voor mij: schuldgevoel. Het eeuwige gevoel te kort te komen en te kort te schieten. Durven, het leven aandurven. Mona zegt het zelf: Mensen die kwaad op mij zijn, ik kan daar echt niet tegen (p. 245). Dat is iets wat uit haar jeugd komt, met een moeder die haar in de kelder opsloot als ze iets fout had gedaan. Dat is ook een reden dat ze bij Louis blijft hangen, zelfs al is deze man echt niet goed voor haar. Het is ironisch dat Marcus haar een kameleon noemt in haar werk (p. 344), juist op het moment dat ze het eindelijk heeft aangedurfd commentaar op zijn manier van werken te hebben. Ze wil durven “Ik denk: dat is het, ik wil durven, eindelijk. Ja.” Mooie afsluiter van een boek dat ik op Goodreads 5 sterren heb gegeven.

Griet Op de Beeck – Kom hier dat ik u kus. Amsterdam: Prometheus, 2014

Papier of digitaal? #50books vraag 20

Martha heeft ons ditmaal iets gevraagd waar de meningen over verdeeld zijn.

Vraag 20: Heeft het papieren (analoge) boek nog toekomst?

Digitaal leven

Drie jaar geleden kwam ik te werken bij Fugro Engineers. Bij mijn indiensttreding werd me verteld dat we een half jaar later zouden verhuizen naar een kantoor in Nootdorp. Dat kantoor zou paperless worden met flexplekken. In het halve jaar voor de verhuizing heb ik heel, heel veel papier weggedaan. Eerst door de scanner, vervolgens de oud-papier bak in. Als ik nu iets aankoop voor de bibliotheek, is het bij voorkeur digitaal. Ik heb klanten over de hele wereld zitten, en dan is een pdf toch wat makkelijker te versturen dan een papieren boek. Het loopt allemaal perfect afgezien dan van die ene keer dat ik een e-book moest aanschaffen met DRM. Het leven wordt een stuk makkelijker als het je niet moeilijk wordt gemaakt door uitgevers die moeite hebben met hun markt.

Digitale boekenkast

Mijn eigen boekenkast staat er nog. Vol met boeken die ik in jaren lezen heb verzameld. Thuis ben ik minder goed in weggooien, ik heb heel veel papieren boeken en lees er nog graag in, ik zit graag met een boek op schoot. Mijn digitale boekenkast is ook behoorlijk gevuld. Ik heb twee e-readers gevuld met boeken. Zo’n ding is makkelijk mee te nemen in tegenstelling tot een papieren boek. Het enige nadeel van zo’n digitale boekenkast? Je ziet slecht wat je hebt.

Is er toekomst voor het papieren boek?

boekenkastOp het werk is het af en toe lastig, een papieren en een digitale bibliotheek naast elkaar. Er wordt door iedereen om een pdf gevraagd en er wordt vreemd gekeken als ik meld dat ik een boek in papier heb. Zo’n boek wordt aangepakt als een curiositeit. Op mijn werk gaan ze eruit, daar ben ik vrijwel zeker van. Dat is mede door die internationale club aan gebruikers die ik heb. In de privésfeer zie ik nog wel toekomst voor papieren boeken, bijvoorbeeld voor fotoboeken en koffietafelboeken. Dat is op papier toch wat beter te bekijken dan op het kleine schermpje van een e-reader. Mijn eigen bibliotheek blijft gemengd, ik krijg toch wel een beetje hartzeer van een boek wegdoen.

Foto: Pixabay, CC0 gebruik.

De leesvraag #50books is een initiatief van Peter. Hij heeft de vragen in 2013 en 2015 gesteld. Martha stelde ze in 2014, Hendrik Jan in 2016. Dit jaar worden de vragen door Martha gesteld. Deze vraag staat hier.

Haar: #WOT deel 20

Het is een hot issue, de #WOT van deze week, als ik de reacties zo lees bij het blog van Martha. Niet zonder reden, want je ziet het haar van een persoon toch vaak als eerste. Bij mij is het ook altijd wel een dingetje geweest, dat haar.

Haar ~ 1) Baardgroeisel 2) Begroeid terrein 3) Begroeiing 4) Bezittelijk voornaamwoord 5) Bijwoord 6) Bos haar 7) Deel van het gezicht 8) Deel van het hoofd 9) Deel van het lichaam 10) Deel van een strijkstok 11) Dier 12) Fractie 13) Haarbosje 14) Hoofdbedekking 15) Hoofdhaar 16) Hooggelegen stuk heide 17) Hoogte in een heide 18) Huidbedekking.

Oude foto’s

Ali met staartjesIk heb om kort te zijn melkboerenhondenhaar. Er valt bar weinig mee te beginnen en ik ben jaloers op alle mensen die haar hebben waar een beetje slag in zit of waar krullen in zitten. Officieel is het blond geloof ik, maar het witblonde meisje van jaren terug is nu toch echt donkerblond geworden. Ik heb mijn schoolfoto’s opgezocht en daar blijkt toch wel uit dat ik er van alles mee heb gedaan. Het is van heel kort in mijn kleuterjaren naar wat langer gegaan. Deze foto waar ik sta als acht of negenjarige brings back memories. Mijn moeder had dat groen-oranje pakje gemaakt, het was één keer gewassen en meteen verwassen. Toen heeft ze weer een nieuwe gemaakt. En hier zit ik met staartjes in mijn haar, maar op de klassenfoto sta ik zonder staartjes. Iemand had me ermee geplaagd en toen had ik die ballen eruit getrokken. En mijn pony is schuin geknipt!

Van kort naar lang naar kort en weer naar lang haar

Ali met staartjeKort haar in mijn peuterjaren, op de basisschool had ik het wat langer, op de middelbare school had ik een soort pagekapsel waar alle pubers mee liepen, alleen heetten we toen tieners. Toen ben ik weer terug gegaan naar kort, lekker makkelijk, kam doorhalen en klaar. Alleen kreeg ik daar genoeg van omdat ik iets te vaak voor een man aangezien werd. Ik heb het weer laten groeien, en ik heb het jaren lang gehad. Lekker makkelijk met sporten, dan kon ik het namelijk in een staartje doen. Vorig jaar ging ik naar de kapper en vertelde haar dat het kort mocht, maar niet te kort, want het moest nog wel in een staartje kunnen. Mislukt. Sporten moest dus met los haar. Vorige week probeerde ik het weer eens na een bijzonder zweterige training, het kan weer! Het is nog formaat scheerkwastje, maar dit maakt het sportleven weer wat makkelijker.

Vlecht

Ali in de modderOp sommige momenten was het toch wel makkelijk als ik mijn haar kon vlechten, zeker toen ik in juli 1999 aan een prutmarathon meedeed. Dat is dus oude kleren aantrekken en samen met nog een groot aantal idioten dwars door weilanden en moddersloten heen rennen. Vond ik leuk. De maandagavond erop belde een vriendin. “Ali, heb je aan een prutmarathon meegedaan?” Wat blijkt, er was ook pers bij geweest die een foto van me hadden gemaakt en die was in de krant terechtgekomen. Ze had mijn met modder bedekte lijf herkend aan mijn vlecht.

Foto’s zijn allemaal van mezelf, behalve de modderfoto © ANP, ze staan, samen met andere jeugdfoto’s in mijn Flickr photostream.

Iedere donderdag publiceert @drspee een woord waar je over mee kunt bloggen, vloggen, ploggen of op een andere manier kunt meedoen. WOT betekent Write on Thursday. Het woord van deze week staat hier.

Een boek als toneelstuk: #50books vraag 19

De #50books vraag is erg leuk deze week:

Van welk boek zou jij een musical- of toneelversie willen maken?

Lievelingsboek

Delderfield To Serve Them All my DaysTo Serve Them All my Days van R.F. Delderfield is één van mijn lievelingsboeken. Het is een boek dat al eerder naar voren is gekomen in een #50books vraag, die naar de eerste zin. Dat is een vraag uit oktober 2013 geweest. Het is een heerlijk boek dat ook een miniserie is geweest van de BBC. Mijn vertaalde exemplaar heeft hoofdrolspeler John Duttine op de voorkant staan. Die serie moet ik hebben gezien, maar ik kan me er weinig van herinneren. Als verdediging kan ik opvoeren dat de serie in 1980 gemaakt is, toen was ik zestien. Of ik eerst de serie heb gezien en toen het boek heb gelezen of juist andersom? Geen idee meer. Maar dit boek als toneelstuk? Een fantastisch idee.

Boek als toneelstuk

Iemand vond het dus al eerder een fantastisch idee. De Wikipediapagina over dit boek vertelt me dat in 1992 een producer een toneelversie van het boek heeft gemaakt. Ik ga het boek gewoon nog een keer lezen, maar ga wel kijken of ik een Engelse versie kan vinden. En dat toneelstuk zou ik dolgraag een keer zien, maar dat zal wel lastig worden. En een musicalversie van dit boek? Hoe dol ik ook ben op musicals, dat lijkt me geen goed plan.

De leesvraag #50books is een initiatief van Peter. Hij heeft de vragen in 2013 en 2015 gesteld. Martha stelde ze in 2014, Hendrik Jan in 2016. Dit jaar worden de vragen door Martha gesteld. Deze vraag staat hier.

Een repetitieavond bij Theatergroep Voorburg

Haghespel, het blad voor het Haagse amateurtoneel, waar ik hoofdredacteur van ben, kent een regelmatig terugkerende rubriek, “Een repetitieavond bij…”. Ik ga dan op bezoek bij een amateurtoneelgroep uit Den Haag en/of omstreken. Een mooie gelegenheid om een groep beter te leren kennen en iets te vertellen over het stuk dat ze gaan spelen. Dit bezoek was bij Theatergroep Voorburg. De groep viert het zeventigjarig jubileum en Charles Abbing viert dat hij al zestig jaar bij het amateurtoneel en bij de groep zit.

Theatergroep Voorburg viert dit jaar zijn zeventigjarig jubileum met de voorstelling ‘Ja zuster, nee zuster’ van Annie M.G. Schmidt. Ook wordt het zestigjarig jubileum van Charles Abbing gevierd. Ter ere van beide gebeurtenissen ga ik op bezoek bij de groep.

Theatergroep Voorburg

Theatergroep Voorburg werd in 1947 opgericht als de Amateur Comedie (de AMCO). Het was een katholieke vereniging, en werd opgericht door onder andere kapelaan van Zeil en Herman Flaton. Het was één van de eerste gemengde verenigingen in het land, mannen en vrouwen mochten lid worden. Het was toentertijd een serieuze hobby. Je moest belijdend katholiek zijn om lid te worden en dat bleef zo tot in de jaren zeventig van de twintigste eeuw. Er werden typisch katholieke stukken gespeeld als bijvoorbeeld ‘De molen van Fatima’. Het was de eerste toneelvereniging in Voorburg. In 1997 werd de naam van de Amateur Comedie veranderd in Theatergroep Voorburg, overigens met instemming van Herman Flaton die toen nog steeds lid was van de groep. Er lag te veel nadruk op het ‘amateur’ in de naam.

Herman Flaton was ook degene die in die beginjaren de groep heeft geregisseerd. In de speellijst prijkt zijn naam vanaf 1948 tot en met 1974 bijna onafgebroken. Andere regisseurs waren onder andere Paul van Gorcum en Gregg Palmer. Tegenwoordig wisselt de regie. Ruud Klootwijk regisseert de groep vaak, onder andere bij deze voorstelling.

Het Forum Theater in de Herenstraat was in de beginjaren het onderkomen voor de voorstellingen. Ook de Dalton Scholengemeenschap werd gebruikt voor voorstellingen. In 1982 werd de ruimte in de Lusthofstraat betrokken. In 2005 moest de groep verhuizen en nam men het huidige onderkomen aan het Burgemeester Feithplein in Voorburg in gebruik. Dat werd het AMCO-theater, een duidelijke verwijzing naar de oude groepsnaam. Daar zit de groep nu nog steeds, het theater is recentelijk verbouwd en heeft onder andere prachtige nieuwe stoelen gekregen die ik al heb uitgeprobeerd. Ze zitten prima.

Er worden drie tot vier producties per jaar gespeeld. De groep telt 28 leden, waarvan de jongste 20 is en de oudste (Paul Abbing) 85. De man-vrouwverdeling is fiftyfifty, dat is bij andere groepen wel anders. De verdeling over leeftijdsgroep is aardig gelijkmatig. Ik spreek vanavond met voorzitter Raymond Roodbol die op zijn twaalfde al techniek deed bij een voorstelling en op zijn achttiende lid is geworden. Paul Abbing is overigens de broer van jubilaris Charles Abbing en is zelf ook al 56 jaar lid van de vereniging. Hij heeft regelmatig de groep geregisseerd. En hij doet in de komende voorstellingsperiode mee aan alle voorstellingen van ‘Ja zuster, nee zuster’ in het ensemble.

Op projectbasis worden ook jeugdvoorstellingen gemaakt. In 2006 was de eerste ´Hilletje Jans´ en in 2015 de laatste ´Buutvrij´. Het is de bedoeling dat er weer jeugdvoorstellingen worden gespeeld.

Charles Abbing

Charles Abbing van Theatergroep Voorburg

De toen zeventienjarige Charles Abbing werd in 1953 aspirant lid van de Vereniging en mocht in 1954 lid worden. Een eenvoudig rekensommetje leert dat hij inderdaad al 63 jaar lid is van de vereniging, maar het zestigjarig jubileum wordt nu gevierd.

De 81 jarige jubilaris heeft in zijn carrière ruim 100 rollen gespeeld en weet zijn eerste tekst nog: “Taxi, hier besteld”. Dat was in ‘Een baby van 1000 weken’, een stuk van Hans Hesna. Ik stel hem ook een vraag op welke rol hij het meest trots is, maar met ruim 100 rollen achter de rug weet hij dat niet goed te benoemen. ‘Met blote voeten in het park’ vond hij een hoogtepunt, maar ook zijn veertigjarig jubileum was prachtig. Dat was ‘De vrek’ onder regie van George van Woerden. In dat stuk heeft hij vier verschillende rollen gespeeld. Hij heeft altijd gespeeld en één maal geregisseerd, dat was bij ´Pinokkio´ in 1985. Hij is nog steeds actief in de vereniging en speelt regelmatig een rol, dan wordt er wel rekening gehouden met zijn leeftijd en de hoeveelheid tekst.

De repetitieavond

Charles speelt in dit jubileumstuk de rol van opa. Het is zijn stukkeuze geweest. In ‘Ja zuster, nee zuster’ kan de hele groep meedoen. Naast de bekende rollen is er ook het ensemble waar de rest van de groep een rol in heeft. Tijdens de verbouwing heeft de groep meer ruimtes gekregen voor repetities, maar die ruimtes kunnen ook bij het speelvlak worden getrokken en dat is nu gedaan. Daarmee is ruimte gemaakt voor een straat en een huiskamer naast elkaar.

Iedereen is vanavond aanwezig en repeteert, daarmee de spelvloer behoorlijk vol makend. Maar er wordt mij verteld dat bij elke voorstelling een groep van acht mensen in het ensemble zit. Het is een doorloop vanavond en daar mag van regisseur Ruud Klootwijk best wat vaart in zitten, meer vaart dan nodig is. De techniek wordt ook uitgetest en dat gaat af en toe wat mis. De versterkers overstemmen de zangers wat niet helemaal de bedoeling is. Ruud loopt heen en weer tijdens de repetitie en dirigeert om de zang goed te houden. De doorloop gaat behoorlijk goed, af en toe hoor ik de souffleur maar niet veel. Ik amuseer me wel en moet me bedwingen om niet mee te gaan zingen met de overbekende liedjes. Vanaf 12 mei wordt er negen keer gespeeld in het AMCO-Theater. In de pauze neem ik afscheid en wens ze toitoitoi, maar het gaat wel goed komen met die voorstellingen.

Dit artikel is gepubliceerd in Haghespel, jrg. 12, nr. 3, april/mei 2017. De foto’s, bewogen en wel, heb ik zelf gemaakt en staan in mijn Flickr photostream.

Genres die ik niet lees: #50books vraag 17

Mijn goede voornemen voor #50books loopt niet zo goed. Begin van het jaar had ik aangegeven dat ik wilde proberen uiterlijk maandag een stukje te schrijven, maar nu is het dus zondag, Martha heeft al een stukje met een nieuwe vraag geproduceerd en ik moet nog schrijven. En dat terwijl ik afgelopen maandag wel al een concept klaarzette.

Vraag 18: Welk genre is niet aan jou besteed?

Niet leuk

Gerard den HaanHet is een genre dat ik wel leuk vind, namelijk memoires en biografieën, maar op één specifiek gebied helemaal niet. En dat zijn die over sportmensen. Ik vind het namelijk totaal niet interessant en zeker niet als het over voetbal gaat. Zoek bij Bol.com op Cruijff en je vindt 71 boeken. Over profvoetballer René van der Gijp zijn twee boeken geproduceerd die ik geen van beide wil lezen. Het dieptepunt was wel dat boek dat ik deze week langs zag komen: Gerard den Haan schoppen en slaan, over de slechtste voetballer van Nederland. Iemand schrijft een boek over een slechte voetballer en daar zijn mensen in geïnteresseerd. Ik kan er niet bij. Maar ja, het gaat over voetbal en dat kan ik ook nooit vinden op mijn tv.

Andere sporten

Thomas DekkerZullen we het dan ook hebben over dat boek waar ik me ook hevig over verbaasde toen het uitkwam? Dat was de biografie van Thomas Dekker, Mijn gevecht. Wielrennen kijk ik niet meer sinds Joop Zoetemelk op doping werd betrapt, vandaar misschien mijn verbazing dat een verhaal van een topsporter over drank en drugs zo’n ophef gaf. Dat hij andere wielrenners daarbij ook nog even een schop gaf vond ik wel de limiet. Als je iemand naar beneden wil halen, houd het dan fijn bij je zelf. Maar alle aandacht  van de media voor schrijver en wielrenner was buiten proportie.

Maar gelukkig zijn er nog genoeg andere boeken waar ik me mee bezig kan houden die niet over sporters gaan. Ik ga me niet vervelen.

De leesvraag #50books is een initiatief van Peter. Hij heeft de vragen in 2013 en 2015 gesteld. Martha stelde ze in 2014, Hendrik Jan in 2016. Dit jaar worden de vragen door Martha gesteld. Deze vraag staat hier.